Joods?

  UP-DATE'S -- Hier vindt U de recente wijzigingen, toevoegingen en actuele publicaties

 

 

 

 

 

Start
Omhoog
English
עברית
Español
Wie zijn wij?
Activiteiten
Shabbath in Susya
Thora
Tenach
Emuna
Mitswot
Messias
Beth HaMikdash
Joods denken
Jodendom
Kabbalah
ISRAEL
Zionisme
Aliyah
Gebeden
Zmirot
Citaten
Links
Noachidisch
Lectuur

 

 

 Aangepast 22 Chesvan 5776 (04.11.2015)

 

 

Een aantal mensen geeft hier inzicht in hun motivatie om Orthodox-Joods te worden. Natuurlijk zijn we van mening dat het belangrijker is om er met elkaar erop te focussen op wat je bindt hebt en niet op dat waarin je verschilt en de verschillen aan God over te laten.

 

Deze informatie is daarom puur bestemd om tot begrip te komen waarom mensen (vaak Joodse zielen) vanuit het Christendom besluiten om Joods te worden. Deze informatie is niet bedoeld om te overtuigen maar om te informeren maar om wederzijds respect te creëren  

 

Voor deze mensen met Joodse zielen die weer terug gaan naar Israël is de 'het behouden zijn' van ondergeschikt belang aan de heiliging van Gods Naam wat er gebeurt als Joodse zielen weer terug naar Israël gaan (Ezech 36).

 

 

Een brief van een Christen die uitleg geeft waarom hij Joods is geworden

Getuigenis 1

Getuigenis 2; van Chaim

Getuigenis 3; van Toon

Getuigenis 4; van Herman

Getuigenis 5; van Max

Getuigenis 6: van John

Getuigenis 7: van Nava

Getuigenis 8: van Bram

 

 

 

 

Een brief waarin een Christen uitleg geeft waarom hij Joods is geworden in antwoord op vragen om dat uit te leggen. (De engelse versie staat op http://www.shalom-center.org/jewish.htm)

 

Belangrijk: Deze brief is puur bedoeld om aan vragenstellende Christenen het verschil tussen Jodendom en Christendom uit te leggen !!!

B’’H

 

Shalom vrienden, bekenden en alle anderen Christenen die van de levende God van Israël vrezen, van harte willen dienen en naar Zijn waarheid willen leven.

 

Hartelijke groet uit Eretz Israel. Het gaat zeer goed met ons. Baruch HaShem !!! (Geprezen zij de Naam van de Eeuwige). God is heel goed voor ons. Zijn trouw, liefde en zorg omringen ons dagelijks (Ps 139). Hij helpt en leidt ons in de weg die we gaan. We zien steeds meer en meer van Zijn grootheid en overweldigende goedheid en smaken meer en meer dat Hij goed is (Ps 34:8). Glorie voor Zijn grote Naam, de Eeuwige, de levende God van Israël.

 

In 2006 heb ik me (met mijn gezin) bij het Joodse volk aangesloten (door voor een rabbinale rechtbank (Beit Din) bestaande uit drie rabbijnen, de verantwoordelijkheid op ons te nemen om volgens Gods instructies, de Thora, te zullen leven). Recent onderzoek heeft trouwens naar boven gebracht dat ik o.a. via mijn moeders lijn zeer waarschijnlijk Joodse voorouders heb (en daardoor volgens de Joodse wet al Joods was) naast het feit dat ik ook via mijn vaders kant Joodse voorouders heb.

 

Niemand kan de enorme blijheid beschrijven die deze stap van het weer aansluiten bij het Joodse volk me gaf en dagelijks geeft. De stap heeft me niet ‘uit Gods aanwezigheid gehaald’, zoals een aantal beweerden, integendeel, het heeft me dichter en dichter bij de Eeuwige, de levende God van Israël, onze Vader, onze Koning gebracht. Het erkennen van de onveranderlijke waarheid van de Thora en het leven volgens de richtlijnen van de Thora bracht me dichter bij Hem als ooit tevoren!!! In de hedendaagse realiteit mag het aansluiten bij het Joodse volk een onbegrijpelijke beslissing zijn. Het is immers een aansluiten bij het meest vervolgde volk. Door alle eeuwen heen verdrukt, geminacht en vervolgd. De afgunst en haat tegen het volk Israël is ook nu dagelijks merkbaar. De vreugde die het echter geeft om elke dag te leven volgens de door God zelf gegeven en ingestelde instructies geeft een vreugde is niet te vergelijken met de negatieve aspecten van het ‘Jood zijn’. Dagelijks te leven met Gods ogen die op ons gericht zijn is een realiteit die ons Joodse volk tot op dit moment de grond van ons bestaan is. Ps 23 “… De Eeuwige is mijn herder, mij ontbreekt niets; …. Hij verkwikt mijn ziel. Hij leidt mij in de rechte sporen om zijns naams wil. Zelfs al ga ik door een dal van diepe duisternis, ik vrees geen kwaad, want Gij zijt bij mij; uw stok en uw staf, die vertroosten mij. …. Ja, heil en goedertierenheid zullen mij volgen al de dagen van mijn leven; …..” 2 Kron. 16:9  “Want de ogen van de Eeuwige gaan over de gehele aarde, om krachtig bij te staan hen wier hart volkomen naar Hem uitgaat”

 

Het is niet zo dat ik voorheen God niet diende. Ik leefde, voordat ik Joods werd, zeker (naar mijn volle overtuiging) ‘Godvrezend’. Dat wil zeggen dat ik leefde en handelde vanuit het verlangen de Eeuwige geheel te dienen, luisterend naar de stem van de Eeuwige. Ik wilde God ‘totaal’ dienen. In die relatie leefde ik ook al in relatie met en voor de Eeuwige, de levende God van Israël. De Eeuwige beantwoordde mijn gebeden. (Ja God hoort iedere 'roep' naar Hem). Nu zie ik dat het niet betekende dat dan ook automatisch alle denkbeelden en ideeën die ik over God had in overeenstemming waren met de waarheid.

 

Natuurlijk zei ik ook altijd al de waarheid van de Thora en Tenach (het zgn. “Oude Testament”) te erkennen en die ook te volgen. Maar eigenlijk op het systematisch theologisch* gebruik (zie verder) van een (groot) aantal teksten na gebruikte ik de Thora niet zoals het bedoeld was die te gebruiken. Later, toen ik de Thora toch meer ging waarderen, gebruikte ik (als Messiasbelijdend gelovige) de Thora wel, maar eigenlijk alleen de stukken die ik redelijk eenvoudig op kon volgen. Met de rest (bijv. het totale plaatje van Shabbatsinstructies) deed ik niets en ik overtrad met een gerust hart een aantal van die Shabbatsgeboden want ‘Jezus was toch gestorven voor de zonden’. Om het maar even in te kleuren: op Shabbat ging ik naar de samenkomst als erkenning van de Shabbatsinstelling, maar hield bijvoorbeeld geen complete Shabbatsrust zoals de Thora dat aan geeft, omdat dat praktisch zoveel consequenties had. ‘In de vrijheid van de Geest’ hield ik me aan het ene gebod wel en aan het andere niet. De Thora was eigenlijk niet meer dan een richtlijn waarnaar ik een beetje probeerde te leven. Ja, het overige van de Thora en de Tenach (en dan vooral de ‘Messiaanse’ teksten) gebruikte ik voor een belangrijk deel ook op een systematisch theologische manier. (*Een systematisch theologische manier. Wat wil ik daar eigenlijk mee zeggen? Dat je van een bepaalde waarheid uit gaat en daarbij teksten uit het Oude Testament zoekt die de veronderstelling onderbouwen los van de context van die teksten. Iets wat heel gebruikelijk is binnen de christelijke wereld. In de praktijk bij deze manier van tekstgebruik is het echter zo dat de teksten uit hun context worden gehaald en er een bepaalde exclusieve betekenis aan wordt gegeven die bij bepaalde christelijke dogma’s past, terwijl er aan de eigenlijke betekenis wordt voorbij gegaan. (Een heel bekend voorbeeld is Deut. 18:18, een tekst die in het christelijke zogenoemde ‘Nieuwe Testament’ ook op die manier wordt gebruikt). Naast de ‘Messiaanse teksten’ zijn er o.a. ook de bekende teksten die gaan over de zegen die God geeft bij het opvolgen van de Thora-instructies, de teksten over ‘tienden’ en natuurlijk de teksten over het Nieuwe Verbond. Op die manier worden veel teksten uit de Tenach nog steeds in meerdere of mindere mate in de christelijke wereld gebruikt. Zegeningen voor het volk Israël (in combinatie met een Thoragetrouw leven) worden toegepast op de zogenoemde ‘geestelijke’ kinderen van God (het geestelijk Israël). Teksten over de tienden die voor de Tempel en Cohaniem (priesters) bestemd zijn, teksten over (lof)offers worden toegepast op gemeentezang van de kerkelijke gemeente of geldelijke giften aan de kerk en teksten over ‘gezalfden des Heeren’, worden toegepast op de (plaatselijke) kerken en leidinggevenden. Het is echter niets anders dan vervangingstheologie).

 

Nadat ik een stuk intensiever de (eigenlijke boodschap van) Thora en Tenach ben gaan bestuderen en daarnaast onder andere ook al de hierboven bedoelde teksten in hun context heb bestudeerd, zag ik meer en meer dat een aantal cruciale dogma’s binnen het christendom lijnrecht tegen de (eigenlijke en eeuwige boodschap van de) Thora ingaan. Veel dingen vallen nu op zijn plaats. Teksten die ik vroeger maar oversloeg of me er niet in verdiepte, omdat ik er niets mee kon, begrijp ik nu.

 

De tegenspraak van het ‘Nieuwe Testament’ met de Thora / Tenach (door Christendom zogenoemde ‘Oude Testament’) was naast het feit dat ik Joodse voorouders hebe reden waarom ik het Christendom ben uitgestapt en Joods ben geworden. Mijn ‘Joods worden’ is niet gebaseerd op een vaag gevoel of, zoals iemand beweerde, dat ik gezwicht ben voor Orthodox-joodse druk of zoals een ander suggereerde, het gevolg van een handoplegging door een Orthodoxe rabbijn zodat ik demonisch belast zou zijn geworden (heb je ooit zoiets gehoord) of een ontvluchten van iets (ja, ik hoor absurde verhalen). Ook niet op een bevlieging of het adoreren van het Joodse volk. Los van de weg hoe de Eeuwige mij in alles geleid heeft, is de stap gebaseerd op heldere feiten en geheel voortgekomen uit een diep verlangen om volgens de instructies van God te leven en het gehoor geven aan de waarheid van God. Daarmee ben ik teruggegaan op het pad die mijn Joodse voorouders verlieten.

 

Om duidelijk te maken wat ik bedoel met het feit dat de boodschap van het Nieuwe Testament in strijd is met de Thora en Tenach (het door het christendom zogenoemde ‘Oude Testament’) als eerste een aantal kernthema’s m.b.t. de Thora / Tenach, zoal de Eeuwige hem gaf:

 

-          De Eeuwige, de God van Israël is God en is Één. Hij is ondeelbaar en is geen mens. Deuteronomium 6:4  Hoor, Israël: de Eeuwige is onze God; de Eeuwige is één! 1 Sam. 15:29 “want Hij is geen mens”.

 

-          De Thora is gegeven aan de mens om zijn liefde aan God tot uiting te brengen Deut. 6:5,6 “Zo zult gij de Eeuwige, uw God, liefhebben, met uw ganse hart, en met uw ganse ziel, en met al uw vermogen. En deze woorden, die ik u heden gebiede, zullen in uw hart zijn.” Deut. 10:12, 13 “Nu dan, Israël! wat eist de Eeuwige, uw God van u dan de Eeuwige, uw God, te vrezen, in al Zijn wegen te wandelen, en Hem lief te hebben, en de Eeuwige, uw God, te dienen, met uw ganse hart en met uw ganse ziel; Om te houden de geboden van de Eeuwige, en Zijn inzettingen, die ik u heden gebiede, u ten goede.” Ps 112:1 “Welzalig de man, die de Eeuwige vreest, die van harte lust heeft in zijn geboden.” Ps 119: 1-4 “Welzalig zij, die onberispelijk van wandel zijn, die in de wet van de Eeuwige gaan. Welzalig zij, die zijn getuigenissen bewaren, die Hem van ganser harte zoeken; die ook geen onrecht plegen, maar wandelen in zijn wegen. Gij hebt uw bevelen geboden, opdat men die ijverig onderhoude.” Deut.11:13-16 “En het zal geschieden, zo gij naarstiglijk zult horen naar Mijn geboden, die Ik u heden gebiede, om de Eeuwige, uw God, lief te hebben, en Hem te dienen, met uw ganse hart en met uw ganse ziel; Zo zal Ik den regen uws lands geven te zijner tijd, vroegen regen en spaden regen, opdat gij uw koren, en uw most, en uw olie inzamelt. En Ik zal kruid geven op uw veld voor uw beesten; en gij zult eten en verzadigd worden. Wacht uzelven, dat ulieder hart niet verleid worde, dat gij afwijkt, en andere goden dient, en u voor die buigt; ”. Ps. 147:10,11 “Hij heeft geen welgevallen aan de kracht van het paard, noch behagen in de benen van de man; de Eeuwige heeft welbehagen in wie Hem vrezen”. Godvrezendheid is in de Thora/Tenach duidelijk verbonden met het onderhouden van de Thora instructies. Ook Jes. 56 (waar ik verderop nog op terugkom laat zien dat het om ieder mens gaat). (:6,7 “En de vreemdelingen die zich bij de Eeuwige aansloten om Hem te dienen, en om de naam van de Eeuwige lief te hebben, om Hem tot knechten te zijn, allen die de sabbat onderhouden, zodat zij hem niet ontheiligen, en die vasthouden aan mijn verbond: hen zal Ik brengen naar mijn heilige berg en Ik zal hun vreugde bereiden in mijn bedehuis; hun brandoffers en hun slachtoffers zullen welgevallig zijn op mijn altaar, want mijn huis zal een bedehuis heten voor alle volken.”)

 

-          Het onderhouden van instructies van de Thora geldt tot in eeuwigheid. Het is een eeuwige instelling. Ze komen niet in de toekomst te vervallen. Deut 4:40  “En gij zult houden Zijn inzettingen en Zijn geboden, die ik u heden gebiede, opdat het u en uw kinderen na u welga, en opdat gij de dagen verlengt in het land, dat de Eeuwige, uw God, u geeft, voor altoos.” Deut 12:28  “Neemt waar, en hoort al deze woorden, die ik u gebiede, opdat het u, en uw kinderen na u, welga tot in eeuwigheid, als gij zult gedaan hebben wat goed en recht is in de ogen van de Eeuwige, uws Gods. Deut 11:31-12:1 "Want gij staat op het punt de Jordaan over te trekken om het land in bezit te gaan nemen, dat de Eeuwige, uw God, u geven zal, en gij zult het in bezit nemen en daarin wonen; 32  dan zult gij naarstig onderhouden al de inzettingen en de verordeningen, die ik u heden voorhoud. 12:1 Dit zijn de inzettingen en de verordeningen, die gij naarstig zult onderhouden in het land dat de Eeuwige, de God uwer vaderen, u gegeven heeft om het te bezitten, zolang gij op de aardbodem leeft" Mal. 3:19-24 (4:1-6) “1 Want zie, de dag komt, brandend als een oven! Dan zullen alle overmoedigen en allen die goddeloosheid bedrijven, zijn als stoppels, en de dag die komt, zal hen in brand steken (zegt de Eeuwige der heerscharen) welke hun wortel noch tak zal overlaten…. 4 Gedenkt de wet van Mozes, mijn knecht, die Ik hem op Horeb geboden heb voor gans Israël, inzettingen en verordeningen.”  1 Kron. 16:17 “ook stelde Hij het voor Jakob tot een inzetting, voor Israël tot een eeuwig verbond.”  Nergens wordt aangegeven dat de instelling van de Thora maar van tijdelijke aard is en dat hij later niet meer gehouden moet worden. De Thora is goed en zonder fouten. Ps 19: 7-11 “De Thora van de Eeuwige is volmaakt, zij herstelt de ziel; de getuigenis van de Eeuwige is betrouwbaar, zij schenkt wijsheid aan de onverstandige. De bevelen van de Eeuwige zijn waarachtig, zij verheugen het hart; het gebod van de Eeuwige is louter, het verlicht de ogen. De vreze van de Eeuwige is rein, voor immer bestendig; de verordeningen van de Eeuwige zijn waarheid, altegader rechtvaardig. Kostelijker zijn zij dan goud, ja, dan veel fijn goud; en zoeter dan honig, ja dan honigzeem uit de raat. Ook laat uw knecht zich daardoor ernstig vermanen; in het houden ervan ligt rijke beloning.” 

 

-          Door het opvolgen van de instructies van de Thora komt Gods volk dichter bij Hem. God kan onder de mensen wonen als het volk gezamenlijk de Thora onderhoudt (in de Thora staat geen gebod dat je in (in een bepaalde persoon als) Messias moet geloven of moet gaan geloven). Dan kan Hij in de Tempel te Jeruzalem wonen. Zo woont de Eeuwige temidden van Zijn volk. Lev. 26: 3  Indien gij in Mijn inzettingen zult wandelen, en Mijn geboden houden, en die doen zult; 4  Zo zal Ik uw regens geven op hun tijd; en het land zal zijn inkomst geven, en het geboomte des velds zal zijn vrucht geven;…12  En Ik zal in het midden van u wandelen, en zal u tot een God zijn, en gij zult Mij tot een volk zijn.” Als de Thora wordt gehouden kan God temidden van Zijn volk wonen (anders niet).

 

-          De Thora werd gegeven in aanwezigheid van 600.000 man (niet aan 1 persoon) als leidraad om naar Gods wil te leven en in Zijn nabijheid te komen. Het volk Israël zei: “Wij zullen horen en doen.” Zo werden zij het volk van de Eeuwige en werd het verbond van kracht.

 

-          Pas op voor mensen die zeggen dat je de Thora niet meer hoeft te houden (onder het doen van tekenen en wonderen) (Deut. 13). Dat is in feite het laten luisteren naar andere goden. God zelf zegt immers dat de Thora voor eeuwig is.

 

-          Iemand die Gods volk van de Thora afhaalt is een valse profeet. Als zo iemand Joods is moet hij gedood worden. God voorzegt dat er valse profeten zullen komen om de liefde voor God van het volk in het getrouw blijven onderhouden van de Thora te testen!!! (Deut. 13:1-4Wanneer onder u een profeet optreedt of iemand, die dromen heeft, en hij u een teken of een wonder aankondigt, en het teken of het wonder komt, waarover hij u gesproken heeft met de woorden: laten wij andere goden achterna lopen, die gij niet gekend hebt, en laten wij hen dienen; dan zult gij naar de woorden van die profeet of van die dromer niet luisteren; want de Eeuwige, uw God, stelt u op de proef om te weten, of gij de Eeuwige, uw God, liefhebt met uw ganse hart en met uw ganse ziel. De Eeuwige, uw God, zult gij volgen, Hem vrezen, zijn geboden (de Thora) houden en naar zijn stem luisteren: Hem zult gij dienen en aanhangen.”

 

-          Het houden aan de Thora is geen onmogelijke klus. De mens is in staat zich aan de Thora te houden. De mens is zo geschapen dat hij de Thora kan houden. Ja, het houden van de Thora is goed voor de mens. Deut. 30:11-14 “ Want dit gebod, dat ik u heden opleg, is niet te moeilijk voor u en het is niet ver weg.  Het is niet in de hemel, zodat gij zoudt moeten zeggen: Wie zal opstijgen ten hemel, het voor ons halen, en het ons doen horen opdat wij het volbrengen?  En het is niet aan de overkant der zee, zodat gij zoudt moeten zeggen: Wie zal oversteken naar de overkant der zee, het voor ons halen, en het ons doen horen opdat wij het volbrengen? Maar dit woord is zeer dicht bij u, in uw mond en in uw hart, om het te volbrengen.” Het volk zegt: “We zullen horen, we zullen doen”. Daarom zijn zij tot op dit moment de uitverkorenen van God waar ieder zich bij aan mag sluiten. Zie Jes 56.

 

-          De mens is goed gemaakt en goed. Hij kan ‘heersen over de zonden’ en kiezen om het goede te doen, ook na de door de Christelijke wereld genoemde ‘zondeval’. Gen. 4:7 “Voorzeker, als u uzelf betert, zal u worden vergeven. Maar als u uzelf niet betert, ligt de zonde als een belager aan de deur. Zijn begeerte gaat naar u uit, maar u kan er over  heersen.” Los van het feit dat iemand de gevolgen van andermans daden kan ondervinden is ieder persoonlijk verantwoordelijk voor zijn eigen daden. Er bestaat geen rechtvaardig mens die nooit zondigt. Pred. 7:20 “Want niemand op aarde is zo rechtvaardig, dat hij goed doet zonder te zondigen" (ook de Messias niet). Een rechtvaardige is iemand die zich bekeert. Spr. 24:16 “want de rechtvaardige valt zevenmaal, doch staat weer op. Wij zijn niet verantwoordelijk voor zonden van Adam”.

 

-          Vergeving van zonden door bekering en terugkeer. Deut. 30:2,3a “en wanneer gij u dan tot de Eeuwige, uw God, bekeert en naar zijn stem luistert overeenkomstig alles wat ik u heden gebied, gij en uw kinderen, met geheel uw hart en met geheel uw ziel, dan zal de Eeuwige, uw God, in uw lot een keer brengen en Zich over u erbarmen”. Verlossing van vijanden als het volk zich bekeert tot de Thora. Nogmaals Gen. 4:7 “Voorzeker, als u uzelf betert, zal u worden vergeven. Maar als u uzelf niet betert, ligt de zonde als een belager aan de deur. Zijn begeerte gaat naar u uit, maar u kan er over  heersen.” Zie verder ook Jona 3:10, 4:2b: “Toen God zag wat zij deden, hoe zij zich bekeerden van hun boze weg, berouwde het God over het kwaad dat Hij gedreigd had hun te zullen aandoen, en Hij deed het niet. …, want ik wist, dat Gij een genadig en barmhartig God zijt, lankmoedig, groot van goedertierenheid en berouw hebbend over het kwaad.”. Zie ook Ps. 24:3-5 "Wie mag de berg van de Eeuwige beklimmen, wie mag staan in zijn heilige stede? Die rein is van handen en zuiver van hart, die zijn ziel niet op valsheid richt, noch bedrieglijk zweert. Die zal van de Eeuwige een zegen wegdragen en gerechtigheid van de God zijns heils." Verder ook Ps 18 die David aan het eind van zijn leven heeft geschreven en terugblikte op zijn leven. Ps 18:20-32 "De Eeuwige deed mij naar mijn gerechtigheid, naar de reinheid mijner handen vergold Hij mij, want ik heb de wegen van de Eeuwige gehouden en ben niet goddeloos afgeweken van mijn God. Want al zijn verordeningen stonden mij voor ogen en zijn inzettingen deed ik niet van mij weg, maar ik was onberispelijk jegens Hem, en wachtte mij voor ongerechtigheid. De Eeuwige heeft mij vergolden naar mijn gerechtigheid, naar de reinheid mijner handen voor zijn ogen. Jegens de getrouwe toont Gij U getrouw, jegens de onberispelijke toont Gij U onberispelijk, jegens de reine toont Gij U rein, maar jegens de verkeerde toont Gij U een tegenstander. Gij toch verlost het ellendige volk en vernedert de hovaardige ogen. Gij toch doet mijn lamp schijnen, de Eeuwige, mijn God, doet mijn duisternis opklaren. Met U immers loop ik op een legerbende in en met mijn God spring ik over een muur. Gods weg is volmaakt; het woord van de Eeuwige is zuiver. Hij is een schild voor allen die bij Hem schuilen. Want wie is God behalve de Eeuwige, wie is een rots buiten onze God?"

 

-          Israël is en blijft voor eeuwig het speciale volk van God. Deut. 32:9 “Want het deel van de Eeuwige is zijn volk, Jakob het Hem toegemeten erfdeel.” Ps. 135:4 “want de Eeuwige heeft Zich Jakob verkoren, Israël tot zijn eigendom.” Jer. 31: 35,36 “Zo zegt de Eeuwige, die de zon overdag tot een licht geeft, die de maan en de sterren verordent tot een licht des nachts, die de zee opzweept, dat haar golven bruisen, wiens naam is Eeuwige der heerscharen: Als deze verordeningen voor mijn ogen zullen wankelen, luidt het woord van de Eeuwige, dan zal ook het nageslacht van Israël ophouden al de dagen een volk te zijn voor mijn ogen”. Ps 33:11,12 “de raad van de Eeuwige houdt eeuwig stand, de gedachten zijns harten van geslacht tot geslacht. Welzalig het volk, welks God de Eeuwige is, de natie, die Hij Zich ten erfdeel koos” Jes. 54:6-10 “Want als een vrouw die wordt verlaten en gekwetst werd in haar ziel heeft de Eeuwige u teruggeroepen en als een vrouw uit de jongelingsjaren die versmaad werd, zegt uw God. In een klein ogenblik heb Ik u verlaten, maar in groot mededogen zal Ik u weer aannemen. In een opwelling van woede heb Ik u even aan je lot over gelaten, maar in eeuwige liefde ontferm Ik me over u, zegt uw Verlosser, de Eeuwige. Want als Noach’s wateren is dit voor Mij: zoals Ik gezworen heb dat Noach’s wateren niet meer over de aarde zullen komen, zo heb Ik gezworen, dat Ik niet meer boos op u verstoord over u te zijn. Want bergen mogen terugwijken en heuvels mogen wankelen, maar Mijn liefde zal van u niet wijken en Mijn vredesverbond zal niet wankelen, zegt Hij die zich over u ontfermt, de Eeuwige”. Er wordt niet gesproken over een (nieuw) volk (gemeente) / ‘één nieuw lichaam’ ernaast met diezelfde (of betere) positie die het volk heeft waar men zich op een nieuwe manier bij aansluit. Ieder kan bij dat volk Israël komen door zich bij het volk aan te sluiten en de Thora te gaan onderhouden. Jes. 56:1-8  “Zo zegt de Eeuwige: Onderhoudt het recht en doet gerechtigheid, want mijn heil staat gereed om te komen en mijn gerechtigheid om zich te openbaren. Welzalig de sterveling die dit doet, en het mensenkind dat daaraan vasthoudt; die acht geeft op de sabbat, zodat hij hem niet ontheiligt, en acht geeft op zijn hand, zodat zij niets kwaads doet.  Laat dan de vreemdeling die zich bij de Eeuwige aansloot, niet zeggen: De Eeuwige zal mij zeker afzonderen van zijn volk; …. En de vreemdelingen die zich bij de Eeuwige aansloten om Hem te dienen, en om de naam van de Eeuwige lief te hebben, om Hem tot knechten te zijn, allen die de sabbat onderhouden, zodat zij hem niet ontheiligen, en die vasthouden aan mijn verbond: hen zal Ik brengen naar mijn heilige berg en Ik zal hun vreugde bereiden in mijn bedehuis; hun brandoffers en hun slachtoffers zullen welgevallig zijn op mijn altaar, want mijn huis zal een bedehuis heten voor alle volken. Het woord van de Eeuwige, de Here, die de verdrevenen van Israël bijeenbrengt, luidt: Ik zal daartoe nog meerderen bijeenbrengen, dan er reeds toegebracht zijn.” Jes. 14:1 “Want de Eeuwige zal Zich over Jakob ontfermen en nog zal Hij Israël verkiezen en ze op hun eigen bodem doen wonen; dan zal de vreemdeling zich bij hen aansluiten en men zal zich voegen bij het huis van Jakob.” Israël blijft het volk waar God door heen spreekt. Jes. 59:21 “En wat Mij aangaat, dit is mijn verbond met hen, zegt de Eeuwige. Mijn Geest, die op u is, en mijn woorden, die Ik in uw mond gelegd heb, zullen niet wijken uit uw mond noch uit de mond van uw kroost, noch uit de mond van het kroost van uw kroost, zegt de Eeuwige, van nu aan tot in eeuwigheid.”.

 

-          God heeft voor eeuwig een verbondsteken aan Zijn volk, het volk Israël gegeven; de besnijdenis. Gen 17:7-13 “Ik zal mijn verbond oprichten tussen Mij en u en uw nageslacht in hun geslachten, tot een eeuwig verbond, om u en uw nageslacht tot een God te zijn. Ik zal aan u en uw nageslacht het land, waarin gij als vreemdeling vertoeft het ganse land Kanaän, tot een altoosdurende bezitting geven, en Ik zal hun tot een God zijn. Voorts zeide God tot Abraham: En wat u aangaat, gij zult mijn verbond houden, gij en uw nageslacht, in hun geslachten. Dit is mijn verbond, dat gij zult houden tussen Mij en u en uw nageslacht: dat bij u al wat mannelijk is besneden worde; gij zult het vlees van uw voorhuid laten besnijden, en dat zal tot een teken van het verbond zijn tussen Mij en u. Wie acht dagen oud is, zal bij u besneden worden, al wat mannelijk is in uw geslachten: zowel wie in uw huis geboren is, als wie van enige vreemdeling voor geld is gekocht, doch niet van uw nageslacht is. Wie in uw huis geboren is en wie door u voor geld gekocht is, moet voorzeker besneden worden; zo zal mijn verbond in uw vlees zijn tot een eeuwig verbond.”  Ezech 44:9 “Alzo zegt de Eeuwige,de Heere: Geen vreemde, onbesneden van hart, en onbesneden van vlees, zal in Mijn heiligdom ingaan, van enigen vreemde, die in het midden der kinderen Israëls is.” Jesaja 52:1  Waak op, waak op, trek uw sterkte aan, o Sion! trek uw sierlijke klederen aan, o Jeruzalem, gij heilige stad? want in u zal voortaan geen onbesnedene noch onreine meer komen.” Verder is ook de Shabbat aan hen ter eeuwige onderhouding gegeven. Ex 31:16,17 “De Israëlieten zullen de sabbat onderhouden, door de sabbat te vieren, zij en hun nageslacht, als een altoosdurend verbond. Tussen Mij en de Israëlieten is deze een teken voor altoos, want in zes dagen heeft de Eeuwige de hemel en de aarde gemaakt, en op de zevende dag heeft Hij gerust en adem geschept.” Lev. 23:2,3 “Spreek tot de Israëlieten en zeg tot hen: De feesttijden van de Eeuwige, die gij zult uitroepen als heilige samenkomsten, zijn mijn feesttijden. Zes dagen mag arbeid verricht worden, maar op de zevende dag zal er een volkomen sabbat zijn: een heilige samenkomst; generlei arbeid zult gij verrichten, het is een sabbat voor de Eeuwige in al uw woonplaatsen.”

 

-       Het land Israël neemt voor altijd een bijzondere plaats in voor God. Het is het land van de Eeuwige en is en blijft zijn bijzondere woonplaats. Psalm 78:68,69 “Maar Hij verkoos de stam van Juda, de berg Sion, die Hij liefheeft; Hij bouwde zijn heiligdom als de hoogste bergen, als de aarde, die Hij voor altoos grondvestte.” Psalmen 132:14 “Dit is mijn rustplaats voor immer, hier zal Ik wonen, want haar heb Ik begeerd.” Dit is de plaats bestemd om de Thora in beginsel daar te onderhouden. Deuteronomium 12:5 “Maar de plaats, die de Eeuwige, uw God, uit het gebied van al uw stammen verkiezen zal om daar zijn naam te vestigen, om daar te wonen, die zult gij zoeken en daarheen zult gij gaan.” Lev. 25:38 “Ik ben de Eeuwige, uw God, die u uit het land Egypte heb geleid, om u het land Kanaän te geven, opdat Ik u tot een God zou zijn.”.

 

-          In de Thora is reeds voorzien dat het volk af zal dwalen maar ook dat het weer terug zal keren. Het afdwalen is niet definitief maar tijdelijk. Terugkeer naar het land en het houden van de Thora is het keerpunt tot herstel. Het volk breekt de overeenkomst, maar God niet. De Eeuwige zal aan Zijn belofte aan Abraham gedenken. Lev 26:42  “Dan zal Ik gedenken aan Mijn verbond met Jakob, en ook aan Mijn verbond met Izak, en ook aan Mijn verbond met Abraham zal Ik gedenken, en aan het land zal Ik gedenken;”, Deut. 4:31 “Want de Eeuwige, uw God, is een barmhartig God; Hij zal u niet verlaten, noch u verderven; en Hij zal het verbond uwer vaderen, dat Hij hun gezworen heeft, niet vergeten”. Deut 32:43b “en zal Zijn land en Zijn volk genadig zijn.”

 

-          De Tempel wordt (weer) gebouwd als plaats waar God zal ‘wonen’, als het volk Israël, zijnde in het land Israël, zich (weer) aan de regels van de Thora houdt. Het is een fysieke Tempel zoals die er reeds is geweest. De aanwezigheid van de Tempel is een voorwaarde voor God om onder de mensen te wonen. Deuteronomium 12:5, Leviticus 26:12  “maar Ik zal in uw midden wandelen en u tot een God zijn en gij zult Mij tot een volk zijn”.  Ezech. 43: 3-8 “En de heerlijkheid van de Eeuwige ging het huis binnen door de poort die naar het oosten gericht was, en de Geest nam mij op en bracht mij naar de binnenste voorhof, en zie, de heerlijkheid van de Eeuwige vervulde het huis. Toen hoorde ik Hem uit de tempel tot mij spreken, terwijl de man naast mij stond, en Hij zeide tot mij: Mensenkind, dit is de plaats van mijn troon en de plaats mijner voetzolen, waar Ik wonen zal onder de Israëlieten tot in eeuwigheid; het huis Israëls zal mijn heilige naam niet meer verontreinigen, zij noch hun koningen, met hun ontucht en met de lijken van hun koningen na hun dood.”. Dit gaat over de weer te bouwen Tempel.

 

-          Ook zullen de in de Thora voorgeschreven offers (weer) gebracht worden. Maleachi 3:4  “Dan zal het offer van Juda en van Jeruzalem de Eeuwige aangenaam zijn als in de dagen van ouds en als in vroegere jaren”. Jer. 33:14-22 “Zie, de dagen komen, luidt het woord van de Eeuwige, dat Ik het goede woord in vervulling zal doen gaan, dat Ik over het huis van Israel en het huis van Juda gesproken heb. In die dagen en te dien tijde zal Ik aan David een Spruit der gerechtigheid doen ontspruiten, die naar recht en gerechtigheid in het land zal handelen. In die dagen zal Juda verlost worden en Jeruzalem veilig wonen, en zo zal men het noemen: De Eeuwige is onze gerechtigheid. Want zo zegt de Eeuwige: Nimmer zal het David ontbreken aan een man, die op de troon van het huis Israëls gezeten is; en de levitische priesters zal het nimmer ontbreken voor mijn aangezicht aan een man die brandoffers offert, spijsoffers ontsteekt en slachtoffers brengt al de dagen. Het woord van de Eeuwige kwam tot Jeremia: Zo zegt de Eeuwige: Indien gij mijn verbond aangaande de dag en de nacht kunt verbreken, zodat er geen dag en nacht meer zou zijn op hun tijd, dan zal ook mijn verbond met mijn knecht David verbroken worden, dat hij geen zoon meer hebben zal, die koning is op zijn troon, en met de Levieten, de priesters, mijn dienaren. Zoals het heer des hemels niet geteld en het zand der zee niet gemeten kan worden, zo talrijk zal Ik maken het nageslacht van mijn knecht David, en de Levieten, die Mij dienen.”

 

-          De Messias die is beloofd heeft als doel het volk Israël te leiden in de weg van de Thora. De Messias is een mens net als koning David en koning Salomo. Ook zal hij koning zijn als David en Salomo. Bij zijn (enige) komst zal hij de Joden (die nog in de verstrooiing leven) voor altijd terug naar hun land brengen en fysieke vrede bewerkstelligen voor Israël, maar ook voor de wereld. Ezechiel 34:23,24  “Dan zal Ik een herder over hen aanstellen, die hen weiden zal: mijn knecht David. Die zal hen weiden, die zal hun herder zijn. Ik, de Eeuwige, zal hun tot een God zijn, en mijn knecht David zal vorst wezen in hun midden. Ik, de Eeuwige, heb het gesproken.”… 37:24, 25  “En mijn knecht David zal koning over hen wezen; een herder zal er voor hen allen zijn. Zij zullen naar mijn verordeningen wandelen en naarstig mijn inzettingen onderhouden. Zij zullen wonen in het land dat Ik aan mijn knecht Jakob gegeven heb en waarin hun vaders gewoond hebben; ja, zij zullen daarin wonen, zij, hun kinderen en hun kindskinderen, tot in eeuwigheid, en mijn knecht David zal hun voor eeuwig tot vorst zijn.”….45:22 “Op die dag zal de vorst voor zichzelf en voor al het volk des lands een stier als zondoffer bereiden”….,(hij zal trouwens ook zonen hebben 46:16 “Zo zegt de Eeuwige de Here: Wanneer de vorst een geschenk aan een zijner zonen geeft, dan is het diens erfdeel; aan zijn zonen zal het toebehoren, het is hun bezit als erfdeel.”). Verder Jer. 23:5-8 “Zie, de dagen komen, luidt het woord van de Eeuwige, dat Ik aan David een rechtvaardige Spruit zal verwekken; die zal als koning regeren en verstandig handelen, die zal recht en gerechtigheid doen in het land. In zijn dagen zal Juda behouden worden en Israël veilig wonen; en dit is zijn naam, waarmede men hem zal noemen: de Eeuwige is onze gerechtigheid.  Daarom zie, de dagen komen, luidt het woord van de Eeuwige, dat men niet meer zal zeggen: Zo waar de Eeuwige leeft, die de Israëlieten uit het land Egypte heeft doen optrekken, maar veeleer: Zo waar de Eeuwige leeft, die het nageslacht van het huis Israëls heeft doen optrekken en die het heeft doen komen uit het Noorderland en uit al de landen waarheen Hij hen verdreven had; en zij zullen op hun eigen grond wonen..” Jes. 11:6-12 “Dan zal de wolf bij het schaap verkeren en de panter zich nederleggen bij het bokje; het kalf, de jonge leeuw en het mestvee zullen tezamen zijn, en een kleine jongen zal ze hoeden; de koe en de berin zullen samen weiden, haar jongen zullen zich tezamen nederleggen, en de leeuw zal stro eten als het rund; dan zal een zuigeling bij het hol van een adder spelen en naar het nest van een giftige slang zal een gespeend kind zijn hand uitstrekken. Men zal geen kwaad doen noch verderf stichten op gans mijn heilige berg, want de aarde zal vol zijn van kennis van de Eeuwige, zoals de wateren de bodem der zee bedekken. En het zal te dien dage geschieden, dat de volken de wortel van Isai zullen zoeken, die zal staan als een banier der natien, en zijn rustplaats zal heerlijk zijn. En het zal te dien dage geschieden, dat de Here wederom zijn hand opheffen zal om los te kopen de rest van zijn volk, die overblijft in Assur, Egypte, Patros, Ethiopie, Elam, Sinear, Hamat en in de kustlanden der zee. En Hij zal een banier opheffen voor de volken, en de verdrevenen van Israël verzamelen en de verstrooide dochters van Juda vergaderen van de vier einden der aarde” . Mich 4:1-3 “En het zal geschieden in het laatste der dagen: dan zal de berg van het huis van de Eeuwige vaststaan als de hoogste der bergen, en hij zal verheven zijn boven de heuvelen. En volkeren zullen derwaarts heenstromen, en vele natiën zullen optrekken en zeggen: Komt, laten wij opgaan naar de berg van de Eeuwige, naar het huis van de God Jakobs, opdat Hij ons lere aangaande zijn wegen en opdat wij zijn paden bewandelen. Want uit Sion zal de wet uitgaan en het woord van de Eeuwige uit Jeruzalem.  En Hij zal richten tussen vele volkeren en rechtspreken over machtige natiën tot in verre landen. Dan zullen zij hun zwaarden tot ploegscharen omsmeden en hun speren tot snoeimessen; geen volk zal tegen een ander volk het zwaard opheffen, en zij zullen de oorlog niet meer leren.”.

 

-          De boodschap van al de profeten voor alle tijden is eensluidend: Blijf je aan de Thora houden of keer terug tot het onderhouden van de Thora. Het zijn immers hemelse instructies. Het klonk als het ware “Alzo spreekt de Eeuwige voor alle geslachten van Israël”. Tevens wordt voorzegd dat het volk zich eenmaal geheel aan de Thora zal houden. Ezech. 36:23-28 “Ik zal mijn grote naam die onder de volken ontheiligd is, die gij te midden van hen ontheiligd hebt, heiligen; en de volken zullen weten, dat Ik de Eeuwige ben, luidt het woord van de Eeuwige de Here, wanneer Ik Mij voor hun ogen in u geheiligd zal worden.  Ik zal u weghalen uit de volken en u bijeenvergaderen uit alle landen, en Ik zal u brengen naar uw eigen land;  Ik zal rein water over u sprengen, en gij zult rein worden; van al uw onreinheden en van al uw afgoden zal Ik u reinigen; een nieuw hart zal Ik u geven en een nieuwe geest in uw binnenste; het hart van steen zal Ik uit uw lichaam verwijderen en Ik zal u een hart van vlees geven. Mijn Geest zal Ik in uw binnenste geven en maken, dat gij naar mijn inzettingen wandelt en naarstig mijn verordeningen onderhoudt. Gij zult wonen in het land dat Ik uw vaderen gegeven heb; gij zult Mij tot een volk zijn en Ik zal u tot een God zijn.”

 

-          Het Nieuwe Verbond waar in de Tenach over wordt gesproken is de vernieuwde verbondsrelatie tussen God en Israël. Let wel: God heeft nooit het verbond gebroken wat Hij met Israël had, ondanks het feit dat het volk Israël het verbond wel brak. Er wordt trouwens gesproken over een Nieuw Verbond en niet over een nieuwe Thora. Het Nieuwe Verbond heeft als kenmerk dat het volk Israël zich in zijn geheel en voor altijd aan de Thora zal houden terwijl zij weer in het land Israël wonen. Gods Naam zal worden geheiligd als het volk Israël weer in zijn geheel in het land Israël woont en zich aan de Thora houdt. Dan kan en zal de Tempel weer gebouwd worden en alle andere voorzegde onvervulde profetieën in vervulling gaan.

 

In een alinea de boodschap van de Thora: De Eeuwige, de God van Israël is God en is Één. Israël, nakomelingen van Abraham, heb Hem lief door je aan de Thora instructies te houden die God je heeft gegeven. De Thora geldt voor eeuwig en wordt niet afgeschaft!!! Pas op voor mensen die afval prediken.  Deut 6:4-9 “Hoor, Israël: de Eeuwige is onze God; de Eeuwige is één! Gij zult de Eeuwige, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw kracht. Wat ik u heden gebied, zal in uw hart zijn, gij zult het uw kinderen inprenten en daarover spreken, wanneer gij in uw huis zit, wanneer gij onderweg zijt, wanneer gij nederligt en wanneer gij opstaat. Gij zult het ook tot een teken op uw hand binden en het zal u een voorhoofdsband tussen uw ogen zijn, en gij zult ze schrijven op de deurposten van uw huis en aan uw poorten.”

 

De boodschap is duidelijk en voor alle eeuwen geldend.

 

 

De boodschap van het Nieuwe Testament en van het Christendom na een ontwikkeling van 2000 jaar is daarentegen als volgt.

 

-          De Thora hoeft niet meer gehouden te worden nu Jezus gestorven is ter betaling van de zonden van de hele wereld. Door geloof in hem is het houden van de Thora absoluut overbodig, ja zelfs wettisch en niet goed. Het houden van de Thora brengt je van de genade van God af.

Deze belangrijke boodschap van het christendom is in regelrechte tegenspraak met de Thora. Nota bene, God waarschuwt juist in de Thora voor mensen die het volk Israël van de Thora af zullen proberen te brengen (onder het doen van tekenen en wonderen!!!). God laat die mensen wel toe, om te beproeven of hun liefde voor Hem echt is, zo staat in Deut. 13. Zo’n persoon wordt een valse profeet genoemd. Door Joden af te brengen of te weerhouden van het onderhouden van de Thora worden ze namelijk van de basis van Gods verbond met Israël afgehouden of afgesneden. Terecht wordt er wel gezegd dat dit een vorm van geestelijke moord is die erger is dan fysieke moord. Door het afsnijden/afgesneden houden van de Thora wordt/blijft een Jood vervreemd van zijn verbondsrelatie met God. Volgens de Thora/Tenach is het houden van de Thora de basis van hun relatie met de Eeuwige. Jer. 32:33b “Ik zal mijn wet (Thora) in hun binnenste leggen en die in hun hart schrijven, Ik zal hun tot een God zijn en zij zullen Mij tot een volk zijn.” Het is de realiteit dat ik het in de praktijk ook niet heb meegemaakt dat er binnen christelijke kerken of gemeenten mensen van Joodse geboorte aangemoedigd worden zich aan de Thora te houden. En dat terwijl ook in bepaalde gedeelten van het christelijke Nieuwe Testament aangegeven staat dat de Jood niet ontslagen is van het houden van de Thora (Hand 15). Ook in de zogenoemde Messiasbelijdende gemeenten, die in naam ‘Thoragetrouw’ worden genoemd, worden bijvoorbeeld de instructies m.b.t. de Shabbat, kashroet en familiereinheid niet onderhouden zoals is voorgeschreven. We laten nu even in het midden wie uiteindelijk de Thora ‘in de kast heeft gezet’; Jezus, Paulus of uiteindelijk het RK kerksysteem. Het afbrengen van de Thora wordt in de Thora/Tenach als iets verschrikkelijks bestempeld. Het is eigenlijk verbazingwekkend dat men in de geschiedenis het ontkrachten van de Thora niet van de hand heeft gewezen op basis van Deut. 13. Die tekst is namelijk zo duidelijk.

Ja, in de praktijk is Jezus inderdaad het einde van de wet gebleken. Nee niet dat hij de macht autoriteit had om hem te ontkrachten, maar het is de praktijk dat daar waar Joden in Jezus gingen geloven, ze het onderhouden van de Thora (als geheel) al dan niet gedwongen achterwege lieten. Zo braken ze met de verbondsrelatie die zij met God hadden. Het resultaat was echter geen behoudenis maar eigenlijk gewoon geestelijke dood als Jood. Een Jood heeft voor eeuwig de opdracht te leven volgens de richtlijnen van de Thora. Dat maakt een Israëliet ten diepste een Israëliet. Voor de wereld is er misschien met Jezus een licht op gegaan, voor de Joden was het allerminst licht. Door het loslaten van de Thora zijn heel wat Joden ‘verloren’ gegaan in de volken. Verder betekende het voor de Joden die wel vast bleven houden aan Thora het begin van een zwarte tijd door de grote vervolging die er tegen hen werd ingezet. De volgelingen van Jezus zijn de grootste vervolger van het Joodse volk geworden. Een wrange vrucht waaraan de boom gekend moet worden.

 

-          Dan nu de twee belangrijkste christelijke leerstellingen:

 

Als eerste: ‘In Gods aanwezigheid kom je door (alleen het) geloof in Jezus in plaats van door het gehoorzamen van God’. Ook dit is in duidelijke tegenspraak met de eeuwige instructies van de Thora. Nergens lees je dat er zo’n verandering ingesteld zou gaan worden. In tegendeel. Tot in eeuwigheid geldt het dat je alleen door het gehoorzamen van God in Zijn aanwezigheid komt. Ps 19: 7-11 “De Thora van de Eeuwige is volmaakt, zij herstelt de ziel; de getuigenis van de Eeuwige is betrouwbaar, zij schenkt wijsheid aan de onverstandige. De bevelen van de Eeuwige zijn waarachtig, zij verheugen het hart; het gebod van de Eeuwige is louter, het verlicht de ogen. De vreze van de Eeuwige is rein, voor immer bestendig; de verordeningen van de Eeuwige zijn waarheid, altegader rechtvaardig. Kostelijker zijn zij dan goud, ja, dan veel fijn goud; en zoeter dan honig, ja dan honigzeem uit de raat. Ook laat uw knecht zich daardoor ernstig vermanen; in het houden ervan ligt rijke beloning”. Zie verder ook de teksten hier boven Lev. 26.

 

En de tweede: ‘Er is alleen behoud (mogelijk) door het geloven in het plaatsvervangend sterven van een ander persoon, Jezus.’ (die zonder zonden zou zijn). (Dat laatste feit op zich is al niet mogelijk. Er bestaat namelijk geen rechtvaardig mens die nooit zondigt. Zo staat er in Prediker 7:20 "Want niemand op aarde is zo rechtvaardig, dat hij goed doet zonder te zondigen"). Hoe dan ook, het concept van het ‘behoud’ alleen door (het geloof in) het plaats vervangend sterven van een andere persoon is duidelijk tegen de eeuwige instructies van de Thora. Zie de teksten hierboven. God haat mensenoffers. Er wordt wel gezegd: “Jezus is Gods enige zoon en is het plaatsvervangend schuldoffer, dat moet je gewoon geloven zonder er aan te tornen.” Er vragen over stellen is al fout. Ja, dat zeggen de Moslims van de Koran en de Mormonen van hun aanvulling op het NT ook. God geeft zelf de sleutel om te beproeven wat betrouwbaar is en wat niet. Die sleutel moeten we hanteren. Om verder de stelling van ‘behoudenis alleen door het geloof in Jezus’ te onderbouwen, wordt er in de christelijke wereld aan bepaalde teksten in de Tenach (Oude Testament) (vaak met verdraaiing van de oorspronkelijk Hebreeuwse betekenis) een zekere ‘exclusieve’ betekenis toegekend (ongeacht of ze daarmee tegen de context van het geheel ingaan).

Dan nog even dit met betrekking tot Jesaja 53: Dat hoofdstuk zou (los van zijn context) exclusief gaan over Jezus. Dat is op zich al zeer onwaarschijnlijk. Als je echter dit hoofdstuk met alle geweld specifiek op Jezus wil toepassen, is het nog absoluut geen grond om te stellen dat er bedoeld zou worden dat alleen door het geloof in het vervangend lijden van Jezus behoud of vergeving van zonden (mogelijk) is. Zo’n stelling gaat namelijk absoluut tegen de eeuwige instructies van de Thora in en het wezen van het Nieuwe Verbond (zie verderop), zoals beschreven in o.a. Deut. 30, Jer 31 en Ezech 36. Een belangrijke oorzaak van foutieve interpretatie van Jesaja 53 is de foutieve vertaling door de christelijke vooringenomen vertalers. Los van het feit dat er een aantal teksten in ‘het Oude Testament’ foutief zijn vertaald worden er verder ook in het zogenaamde ‘Nieuwe Testament’ teksten vanuit het ‘Oude Testament’ foutief aangehaald om de christelijke dogma’s te onderbouwen. Eén er van is Romeinen 11:25. Daar staat: “…gelijk geschreven staat: De verlosser zal uit Sion komen, Hij zal de goddeloosheden van Jakob afwenden…”  De aangehaalde tekst is Jesaja 59:20, daar staat echter: “en een verlosser komt tot Sion, namelijk voor hen die zich bekeren in Jakob”. Dat is even wat anders. Zo is er een hele rij op te noemen. Zie ook de webpagina’s ‘Nadenkertjes’ en ‘Messias’.

 

-          Een volgende stelling: ‘De Thora is niet te houden’ (zo zeggen Jezus en Paulus). Het zou te moeilijk en te zwaar zijn. God zegt daarentegen dat de Thora wel te houden is. Deut. 30:11-14 “Want dit gebod, dat ik u heden opleg, is niet te moeilijk voor u en het is niet ver weg. Het is niet in de hemel, zodat gij zoudt moeten zeggen: Wie zal opstijgen ten hemel, het voor ons halen, en het ons doen horen opdat wij het volbrengen? En het is niet aan de overkant der zee, zodat gij zoudt moeten zeggen: Wie zal oversteken naar de overkant der zee, het voor ons halen, en het ons doen horen opdat wij het volbrengen? Maar dit woord is zeer dicht bij u, in uw mond en in uw hart, om het te volbrengen.” Paulus verdraait deze tekst in Rom. 10:6 en 7 als zijnde dat het over het geloof in Jezus zou gaan maar dat is, de tekst lezend en lezend in zijn context, klinkklare onzin en een verdraaiing van Gods Woord.

 

-          ‘Kashroet (spijswetten) zijn niet meer van belang’ zo is ook een christelijke stelling. Ondanks het feit dat in Hand 15 staat dat alleen de heidenen niet per se kosher hoeven te eten leert de praktijk en geschiedenis dat het geloof in Jezus ook voor de Jood een einde van de kashroet betekent/betekende. In het verleden moesten bijvoorbeeld Joden die christen werden verplicht varkensvlees eten. Het ontkrachten van de voedselwetten is ook weer in tegenspraak met de eeuwige Thora instructies. Verder staat er ook nog eens duidelijk in Jesaja 66 (over de toekomst): 16,17  “Want met vuur, en met Zijn zwaard zal de Eeuwige in het recht treden met alle vlees; en de verslagenen van de Eeuwige zullen vermenigvuldigd zijn. Die zichzelven heiligen, en zichzelven reinigen in de hoven, achter een in het midden derzelve, die zwijnenvlees eten, en verfoeisel, en muizen; tezamen zullen zij verteerd worden, spreekt de Eeuwige.”

 

-          ‘De Tempel zal niet meer gebouwd worden’ zo zegt de christelijke leer. Gebaseerd op Jezus’ woorden wordt er gezegd dat ‘de kerk’ nu de geestelijke tempel is in plaats van de fysieke Tempel. De Thora / Tenach spreken echter heel duidelijk dat de instructies van de Tempel eeuwige instructies zijn en dat de Tempel gewoon weer opnieuw gebouwd zal worden. Het boek Ezechiël spreekt er heel duidelijk over. Nergens wordt er gesproken over het vermeende feit dat er zo’n geestelijke tempel in plaats van een fysieke Tempel komt.

 

-          ‘Shabbat is afgeschaft’ zo leert het grote deel van het christendom. De zondag is er nu in plaats van de shabbat als ‘dag des Heren’ gekomen. De zondag als nieuwe rustdag is echter ingesteld door keizer Constatijn in 321 van de Gewone Jaartelling per decreet dat als volgt luidt (vertaald): “Keizer Constatijn aan A. Helpidius. Alle rechters, stadsbewoners en alle werknemers moeten rusten op de meest eerbiedwaardige dag van de ZON. Boeren mogen vrij en ongehinderd zijn in het bewerken van het land…” zo leert de geschiedenis. Het grootste gedeelte van de christelijke kerk eerbiedigt tot op de huidige dag dit keizerlijk decreet i.p.v. de instructies die God heeft gegeven. ‘De Shabbat is niet meer van belang’, zo stelt het grootste gedeelte van de christelijke kerk, ‘ook niet voor de Israëliet’. Ja het moge duidelijk zijn, dat ook dit in tegenspraak is met de Thora/Tenach. Op dit moment beginnen gelukkig steeds meer mensen in te zien dat de instelling van de zondag niet klopt en dat het geen goddelijke instelling is maar  gewoon een Rooms Katholieke. Wellicht is het een begin van het zoeken naar de waarheid voor het hele christendom.

 

-          ‘De besnijdenis is afgedaan als een instructie die nog steeds van kracht is’, zegt het christendom in navolging van Paulus. ‘De doop’, zo leert de kerk, ‘is nu het verbondsteken tussen God en Zijn volk, van toetreding tot het ‘volk van God’’. Joden die christelijk zijn geworden, worden, in het algemeen, ook nu nog steeds ten strengste ontraden om hun zonen te laten besnijden, zo is de hieruit voortvloeiende praktijk. De Thora leert echter dat het uitvoeren van de besnijdenis een eeuwige instelling is voor het volk Israël, de nakomelingen van Abraham, Izak en Jakob. Degene die dat niet doet wordt ‘uit zijn volksgenoten uitgeroeid’ volgens Genesis 17:10-14 “Dit is mijn verbond, dat gij zult houden tussen Mij en u en uw nageslacht: dat bij u al wat mannelijk is besneden worde;  gij zult het vlees van uw voorhuid laten besnijden, en dat zal tot een teken van het verbond zijn tussen Mij en u. Wie acht dagen oud is, zal bij u besneden worden, al wat mannelijk is in uw geslachten: zowel wie in uw huis geboren is, als wie van enige vreemdeling voor geld is gekocht, doch niet van uw nageslacht is. Wie in uw huis geboren is en wie door u voor geld gekocht is, moet voorzeker besneden worden; zo zal mijn verbond in uw vlees zijn tot een eeuwig verbond. En de onbesnedene, de man namelijk, die het vlees van zijn voorhuid niet laat besnijden, die mens zal uitgeroeid worden uit zijn volksgenoten: hij heeft mijn verbond verbroken.”. Ezech 44:9 “Alzo zegt de Eeuwige,de Heere: Geen vreemde, onbesneden van hart, en onbesneden van vlees, zal in Mijn heiligdom ingaan, van enigen vreemde, die in het midden der kinderen Israëls is.

 

-          ‘De bijbelse feesten met de bijbehorende instructies die door de Eeuwige zijn ingesteld zijn afgedaan’, omdat ze volgens de kerk in Jezus zijn vervuld. Het was dus maar een tijdelijke instelling. De nieuwe feesten van de ‘bijbelgetrouwen’ zijn Kerst en Pasen. O.a. in Lev. 23 staat echter heel duidelijk wat voor altijd de feesten van de Eeuwige zijn die niet afgeschaft worden. Kerst en Pasen zijn ook weer ingesteld door de RK kerk. Het zijn christelijke versies van resp. het heidense zonnewendefeest en het feest van de afgod ‘Ishtar’ (de vruchtbaarheidsgodin). In de engelse en Duitse benaming van het feest is het duidelijk te zien: ‘Easter’ en ‘Östern’. De eitjes, takken en bomen met, goud/zilver en lichtjes komen hier ook vandaan. Het gebruik van uit het afgodendom afkomstige attributen wordt door de Thora/Tenach verboden.

 

-          ‘De dood van en de verlossing door de Messias worden herdacht door het Avondmaal. Door deelname aan het avondmaal/communie heb je deel aan die verlossing’, zo leert de Christelijke kerk. Nergens in de Thora / Tenach etc. wordt er echter van deze instelling melding gemaakt. De poging om het een vervanging te laten zijn van Pesach klopt ook niet. Nergens in Thora / Tenach wordt die wijziging geïnstrueerd. Tussen haakjes: De NT tijdsbepaling van de Seder klopt niet (op de avond na de eerste dag van Pesach Matt. 26:17 en Mark. 14:12). Ook de volgorde (eerst brood en dan wijn) klopt niet. Een Jood zou nooit zo’n fout maken als hij zoiets schrijft. Voordat het Romeinse rijk gekerstend werd onder keizer Constatijn de Grote was er wel dat zelfde gebruik om de dood van ‘Mithras’ te gedenken. ‘Mithras’ zou trouwens ‘ook’ geboren zijn uit maagdelijke geboorte (en goddelijk zijn). Verder is van hem bekend dat hij een lijdensdood gestorven is en van hem werd geloofd dat hij was opgestaan en ten hemel gevaren en terug zou komen om de wereld te oordelen. Het is zeer waarschijnlijk dat het christelijke avondmaal hier een gekerstende versie van is. De viering van het avondmaal en de bijbehorende gedachten (op die manier deel te worden/te zijn van de groep ‘verlosten’) is hoe dan ook niet gebaseerd op of terug te halen uit de eeuwige instructies van de Thora en Tenach.

 

-          ‘De tienden en offers die voor de Tempel en priesters bestemd waren zijn nu bestemd voor de Kerk en voor de predikanten /voorgangers’, zo is de praktijk binnen de christelijke wereld. Ja je moet toch op en bepaalde manier aan je geld komen als kerk/christelijke organisatie. De teksten over tienden en offers worden in sommige kringen meer gebruikt dan welke teksten ook. Als ’worst’ wordt vervolgens ‘de geopende hemel’ uit Maleachi voorgehouden als men hun gaven aan zo’n instantie geeft. Eigenlijk is het ten diepste gewoon ‘vervangings-theologisch’ misbruik van Tenachteksten om aan kerkelijke inkomsten te komen. Dit gebruik is duidelijk ook in tegenspraak met Thora en Tenach waar helemaal niet over zo’n wijziging van bestemming of hoedanigheid wordt gesproken. Wat naar de Tempel gebracht moest worden moet straks ook weer naar de Tempel gebracht worden. Wat voor de Cohaniem (priesters) was bestemd is nog steeds voor de Cohaniem (afstammelingen van Aharon) bestemd. Met de ‘gezalfden des Heren’ worden in de context nooit christelijke voorgangers bedoeld. Teksten/ beloften voor het volk Israël zijn nu van toepassing op degenen die in Jezus geloven zo is de overtuiging binnen de christelijke wereld. Een bekend voorbeeld is Jesaja 54:17 wat het Christendom op Christenen toepast. Zo wordt er in het Christendom heel wat misbruik van teksten over ‘gezalfden’, dienaren van God en volk van God gemaakt om een bepaalde positie te onderstrepen of om uitspraken te doen of te bekrachtigen (dan zijn deze vaak ook nog eens niet in overeenstemming zijn met de Thora/Tenach!!!) of om zich bepaalde zegeningen, bestemd voor het volk Israël, toe te eigenen.

 

-          ‘Door het geloof in Jezus,’ zo zegt Paulus in de Efezebrief (2:12,13), word je onderdeel van Israël, krijg je het ‘burgerschap’ van Israël’. Ja, ook dit is weer in tegenspraak met de Thora en Tenach. In Jesaja 56 staat heel duidelijk hoe je Israëliet wordt; door je bij het volk aan te sluiten met de bedoeling de instructies van de Thora op te volgen en door deze instructies ook te doen. Dan zullen (als de Tempel weer gebouwd zal zijn) de offers, van de bij Israël aangeslotenen, voor God aangenaam zijn. Jes. 56:7 “hen zal Ik brengen naar mijn heilige berg en Ik zal hun vreugde bereiden in mijn bedehuis; hun brandoffers en hun slachtoffers zullen welgevallig zijn op mijn altaar, want mijn huis zal een bedehuis heten voor alle volken.”.

 

-          ‘Het Nieuwe Verbond is geëffectueerd door Jezus toen hij stierf aan het kruis en weer opstond’, zo leert het christendom. (Dat de voorzegde kenmerken van het Nieuwe Verbond na 2000 jaar nog steeds niet te zien zijn, laat men voor wat het is). Het Nieuwe Verbond zoals het getekend word in het christendom is tenslotte ook weer absoluut in strijd met de kenmerken die in de Thora en profetieën worden gegeven (Deut 30, Ezech. 36 en Jer. 31 en 32).

 

De Thora was er als eerste, lang voor het Nieuwe Testament werd samengesteld, met een duidelijke ‘sleutel’ hoe profetische woorden beproefd dienen te worden.

 

Er zal opwekking komen. Volgens de Thora en Tenach zal er opwekking komen als het Joodse volk zich tot God bekeert en zich weer uit liefde voor God zich aan de Thora instructies zal houden. Een andere manier is er niet. Deut. 30:1-10 “Wanneer dan al deze dingen over u komen, de zegen en de vloek, die ik u voorgehouden heb, en gij dit ter harte neemt te midden van al de volken, naar wier gebied de Eeuwige, uw God, u verdreven heeft, en wanneer gij u dan tot de Eeuwige, uw God, bekeert en naar zijn stem luistert overeenkomstig alles wat ik u heden gebied, gij en uw kinderen, met geheel uw hart en met geheel uw ziel, dan zal de Eeuwige, uw God, in uw lot een keer brengen en Zich over u erbarmen; Hij zal u weer bijeenbrengen uit al de volken, naar wier gebied de Eeuwige, uw God, u verstrooid heeft.  Al waren uw verdrevenen aan het einde des hemels, de Eeuwige, uw God, zal u vandaar bijeenbrengen en vandaar halen; de Eeuwige, uw God, zal u brengen naar het land, dat uw vaderen bezeten hebben, gij zult het bezitten en Hij zal u weldoen en u talrijker maken dan uw vaderen. En de Eeuwige, uw God, zal uw hart en het hart van uw nakroost besnijden, zodat gij de Eeuwige, uw God, liefhebt met geheel uw hart en met geheel uw ziel, opdat gij leeft. De Eeuwige, uw God, zal al deze vervloekingen op uw vijanden en uw haters leggen, die u vervolgd hebben. Gij zult weer naar de stem van de Eeuwige luisteren en al zijn geboden volbrengen, die ik u heden opleg. De Eeuwige, uw God, zal u in overvloed het goede schenken bij al het werk uwer handen, in de vrucht van uw schoot, in de vrucht van uw vee, in de vrucht van uw bodem, want de Eeuwige zal weer behagen in u hebben, u ten goede, zoals Hij behagen had in uw vaderen, wanneer gij naar de stem van de Eeuwige, uw God, luistert door zijn geboden en inzettingen te onderhouden, die in dit wetboek geschreven staan; wanneer gij u tot de Eeuwige, uw God, bekeert met geheel uw hart en met geheel uw ziel.”

 

Ja er worden veel verhalen verteld om het Christelijke gelijk te bevestigen t.o.v. het Orthodoxe Jodendom: Over honderden rabbijnen die in het geheim in Jezus als zaligmaker zouden geloven. In het geheim uit angst om vervolgd te worden (dan is het tevens ook niet door iemand na te gaan of het inderdaad zo is). Verhalen dat de Talmoed met als doel geschreven is om Jezus en het christendom te bestrijden. Dat het dus een antichristelijk (demonisch) boek is. Dat de Davidster, het nationale Joodse symbool, een occulte lading heeft en dat het Joodse volk vanwege het gebruik er van in de nationale vlag onder occulte belasting zit. Dat de Kabbala, op zich, een occulte leer is en dat de Zohar een occult boek is (natuurlijk zie ik dat er inderdaad verkeerd gebruik van wordt gemaakt, maar dat zegt nog niets van de Kabbala en Zohar op zich). In het Christendom is er een demonisch mystieke karikatuur van gemaakt. Verhalen (vooral in charismatische kringen) dat de Joden van nu, geen nakomelingen van Abraham zijn, maar bekeerde Khazaren (die dus niet onder de zegen voor Israël zouden vallen). Verhalen dat de rabbijnen alleen uit haat Jezus afwijzen terwijl ze in hun hart zouden weten dat hij de Messias is en dat ze daardoor demonisch belast zouden zijn geworden, onwillig en ongeschikt om naar Gods wil te leven. Verhalen dat er juist de laatste tijd veel (orthodoxe) Joden zich bekeren tot het geloof in Jezus. Zelf heb ik echter geconstateerd dat het over-, overgrote deel van de Joden (veelal Russische of Ethiopische immigranten) die momenteel lid worden van een Messiasbelijdende christelijke gemeente zelf al van kinds af (vanuit Rusland of Ethiopië) meer binding hadden met het christendom dan met het jodendom. Zeker geen orthodoxe Joden dus die zich verdiept hebben in de Thora. Het zijn allemaal verhalen om het orthodoxe Jodendom als minderwaardig/verouderd en het christendom als superieur en de waarheid te bestempelen. Het is gewoon antisemitisme in een religieuze (christelijke) jas. Zelf heb ik ontdekt dat die verhalen niet kloppen. Door de hele geschiedenis zijn er in het christendom van die verhalen geweest (berucht zijn de verhalen over het door Joden op Pesach drinken van kinderbloed) die negativiteit ten opzichte van het Jodendom en het Joodse volk met name onder de Europese bevolking hebben gekweekt. Was het ene verhaal ontkracht, dan dook er weer een ander verhaal op. Uiteindelijk hebben dit soort verhalen in Europa een vruchtbare bodem bewerkstelligd voor het plaatsvinden van de holocaust. Maarten Luther, bijvoorbeeld, had daarin een belangrijke rol met zijn geschriften tegen het Joodse volk die door Hitler en de Nazi’s gebruikt werden om de Holocaust te rechtvaardigen. Het is een Godswonder dat dit volk staande is gebleven en dat er door de eeuwen heen steeds een deel is gebleven dat zich aan de Eeuwige vast bleef houden door Zijn instructies op te volgen. Ja het is geweldig om te zien dan velen, wiens voorouders vele verschrikkingen hebben meegemaakt met vuur en vreugde een beslissing hebben genomen om de levende God van Israël uit liefde met blijdschap te gaan dienen door te Gods eeuwige Thora instructie weer op te gaan volgen.

 

Dagelijks geniet ik er nu van om, hier in het land Israel, te kunnen leven volgens de aloude eeuwige instructies van de Eeuwige, onze Vader, onze Koning. Het leven naar Zijn wil, in het land Israel, is voor mij het mooiste wat er is. Ik zie dat meer en meer Joodse zielen hun weg terug zoeken en vinden naar de oorspronkelijke verbondsrelatie met God; het onderhouden van God’s Thora instructies. (Jes. 27:13) Schuchter maar vast en zeker. De gevangenen van Sion keren terug Ps. 126.

 

Hartelijke groet

 

LWK

 

 

 

 

 

 

Getuigenis 1

 

En het zal te dien dage geschieden, dat er op een grote bazuin geblazen zal worden, en zij die verloren waren in het land Assur en die verdreven waren in het land Egypte, zullen komen en zich nederbuigen voor de Eeuwige op de heilige berg te Jeruzalem. Jes. 27:13…..De bazuin klinkt, ik hoor het. Ik kan niet achterblijven. God roept. Hij brengt terug. Ik ben op weg me aan te sluiten bij het volk Israël zoals dat staat in Jesaja 56 “Laat dan de vreemdeling die zich bij de Eeuwige aansluit, niet zeggen: De Eeuwige zal mij zeker afzonderen van zijn volk….en de vreemdelingen die zich bij de Eeuwige aansluiten om Hem te dienen, en om de naam van de Eeuwige lief te hebben, om Hem tot knechten te zijn, allen die de shabbat onderhouden, zodat zij hem niet ontheiligen, en die vasthouden aan mijn verbond: hen zal Ik brengen naar mijn heilige berg en Ik zal hun vreugde bereiden in mijn bedehuis; hun brandoffers en hun slachtoffers zullen welgevallig zijn op mijn altaar, want mijn huis zal een bedehuis heten voor alle volken. Het woord van Adonai de Eeuwige, die de verdrevenen van Israël bijeenbrengt, luidt: Ik zal daartoe nog meerderen bijeenbrengen, dan er reeds toegebracht zijn.”

 

 

Leven naar de wil de Eeuwige, de God van Israël. Dat stond en staat bij ons centraal. Wat Hij van ons wil, dat willen wij doen. Die weg willen we gaan. Altijd biddend, ziende op de vele verschillende opvattingen onder bijbelgetrouwe gelovigen, ‘Vader neem m’n denkbeelden en ideeën en vorm ze zoals u het wil en laat alles zien zoals u dat bedoelt, wat ook de consequenties voor mij zijn.’

 

Ik ben opgegroeid in een orthodox-protestants gezin met ouders die godvrezend waren en dat nog steeds zijn. Dat wil niet zeggen dat er alles perfect aan toe ging. Steeds meer ga ik echter zien en herkennen dat ze, vanuit hun overtuiging probeerden te leven naar de wil van God.

 

Ik ben tot ‘persoonlijk’ geloof in God gekomen vanuit het beeld dat ik op dat van Hem had. Dat beeld was gevormd opvoeding en theologische denkbeelden vanuit de kerkgenootschappen waar ik kwam. De bepaalde denkbeelden die ik van God had (over wie God was en over de manier hoe Hij mij vergaf; uit de vertrouwde denkpatronen was ik er namelijk van overtuigd dat God mij alleen had vergeven omdat ik in Jezus als Messias geloofde) weerhielden Hem (gelukkig) niet om mij stap voor stap verder te leiden en me meer van Hem te laten zien. Ik weet dat ik het niet aangekund had om direct al meer van Hem te zien en te begrijpen. God staat krachtig bij wiens hart volkomen naar Hem uitgaat. (2 Kron. 16:9).

 

Nadat ik tot geloof was gekomen stuitte ik in het leven voor God tegen allerlei dingen aan. In de eerste plaats mijn eigen manier van leven. Door ondervinding kwam ik erachter dat het geloof in God op zich of het geloof in de Messias niets voorstelde als er geen bekering plaatsvond. Keihard liep ik tegen mijn eigen levensstijl aan en realiseerde ik me op een gegeven moment dat het leven met en voor God een weg van bekering was en is.

 

In die weg van bekering was er een honger bij me om God meer en meer te dienen zoals Hij dat bedoelde. Ik ontdekte dat bepaalde kerkelijke denkbeelden niet gebaseerd waren op de bijbel maar op menselijke overwegingen en overtuigingen. Het ging vaak juist tegen de bijbel in. In dat alles bleef mijn verlangen om de wil van God radicaal te doen. Zo was het op een gegeven ogenblik niet meer mogelijk om in de reguliere kerk te blijven. Het was daar niet mogelijk bepaalde dingen te doen waar God mij naar mijn overtuiging (daar ben ikzelf verantwoordelijk voor) in stuurde en die ik in de Bijbel las. Ik wilde de weg van de waarheid gaan waarin God mij leidde. Ik ging de dingen die God me in de Bijbel liet zien, doen.

 

Zo ontwikkelde mijn relatie met de Eeuwige verder. Hoe verder ik de weg van bekering ging, hoe meer ik de aanwezigheid van God in mijn leven ervaarde en Zijn ‘stem’ ging verstaan. De Eeuwige moedigde me aan op Hem te vertrouwen in de weg die ik ging. Hij leerde me mijn theologische veronderstellingen in te leveren en gevoelig te zijn voor de dingen die Hij door Zijn Woorden aan me wilde laten zien. Zo kwam ik vrij van allerlei denkbeelden die me verhinderden de Bijbel te lezen zoals God het bedoeld had. De woorden uit Spreuken 3 “Vertrouw op de Eeuwige met heel je hart en steun op je eigen inzicht niet. Ken Hem in al je wegen, dan zal Hij je paden recht maken. Wees niet wijs in eigen ogen, vrees de Eeuwige en wijk van het kwaad (vs 5-7)” gingen meer en meer voor me leven. Het gaf me een enorme vrijheid om samen met God mijn denkbeelden en theologische ideeën te beproeven om in alles de weg van God te gaan zoals Hij me dat zelf liet zien.

 

Zo ontdekte ik in die periode, dat er geen enkele grond in de Bijbel was voor het vieren van Kerstfeest, en het christelijke paasfeest (dat op de dag van de godin Astarte wordt gevierd i.p.v. de oorspronkelijke Pesach datum). Tegelijkertijd ontdekte ik dat de andere feesten als het Loofhuttenfeest, Dag van de Bazuin en Yom Kippoer onterecht als afgeschaft werden beschouwd. Dit allemaal officieel door keizer Constantijn. Ik ontdekte tevens dat deze keizer per decreet de shabbat had afgeschaft en daar de ‘eerbiedwaardige dag van de zon’ er voor in de plaats zette. In een weg van bekering betekende dat voor mij dat ik de Shabbat weer ging vieren als ook de Bijbelse feesten en dat ik kerstfeest en paasfeest niet meer vierde. Dit allemaal in mijn ‘christelijke’ overtuiging. Veel dingen die ik voor die tijd voor waar hield veranderde zodoende. Hoe dan ook, het moge duidelijk zijn dat mijn relatie t.o.v. God op zich niet veranderde. Alleen de manier hoe, en vanuit welk beeld ik Hem diende, veranderde.

 

In december 2000 gingen we, naar aanleiding van de 2e Intifada naar Israël om het volk specifiek te bemoedigen. Aanvankelijk bezochten we veel gemeenten van Joden die Jezus als Messias beleden omdat we ervan overtuigd waren dat zij het dichtst bij de waarheid stonden in vergelijking met de andere Joden. Verder bemoedigden we vooral seculiere joden.

 

Maar naar verloop van tijd besloten we de inwoners van de nederzettingen te gaan bemoedigen omdat juist zij op de bijbelse plaatsen leefden vanuit de overtuiging dat God hen die plaatsen had gegeven.

 

We werden aangenaam verrast door de ontmoetingen die we er kregen, met name in de Orthodox-Joodse plaatsen. We ontmoetten mensen die evenals wij met hun gehele hart God wilden dienen. Opvallend was dat we op diverse plaatsen heel sterk de aanwezigheid van God ervaarden als we zo met elkaar aan het praten waren.

 

Wat mij eigenlijk wel schokte was het feit dat ik Gods aanwezigheid meer op die bepaalde plaatsen ervaarde dan in de Messiasbelijdende gemeenten waar ik tot dusver kwam. Dat was echt een raadsel voor mij, want in die nederzettingen beleden ze Jezus niet als Messias. Het zou, in mijn overtuiging, dus niet mogelijk zijn daar Gods aanwezigheid te ervaren. Ze zouden immers, (verder redenerend op een aantal fragmenten uit het Nieuwe Testament) geen relatie met de Eeuwige kunnen hebben. De praktijk liet het echter anders zien. Keer op keer. Toen ‘stuitte’ ik op de volgende tekst in Ezechiël 33:14-17 “ En wanneer Ik tot de goddeloze zeg: Gij zult zeker sterven, maar hij bekeert zich van zijn zonde en handelt naar recht en gerechtigheid. De goddeloze geeft een pand terug, vergoedt het geroofde, wandelt naar de inzettingen die doen leven, zodat hij geen onrecht meer bedrijft. Hij zal zeker leven, hij zal niet sterven. Geen van de zonden die hij bedreven heeft, zal hem meer worden toegerekend; hij heeft naar recht en gerechtigheid gehandeld, hij zal zeker leven.”. Als deze woorden nog steeds waar zijn, zo realiseerde ik me toen, moeten ze toch op de een of andere manier een relatie hebben. Deze mensen leefden namelijk in overeenstemming met Gods wil. Ook vroeg ik me af; Er staat geschreven: Wendt U naar Mij toe, wordt behouden, alle gij einden der aarde! want Ik ben God, en niemand meer (Jes. 45:22)

Stel dat deze mensen met deze tekst: naar God toegaan en daarna overlijden.  Zijn ze dan niet behouden? Volgens mij wel. Ik kon het niet ontkennen dat deze woorden nog steeds van kracht zijn, want  nergens in het Oude Testament kwam ik tegen dat het geloof in de Messias een voorwaarde voor vergeving van zonde was en is.

 

In die tijd merkte ik ook dat in de gesprekken die ik met Joden over het Nieuwe Testament  probeerde te hebben, voor mij ten diepste onbevredigend verliepen. Ik merkte dat ‘God er niet in was’. Daarom vroeg ik aan God waarom dat zo was. Hij liet met toen het volgende zien. ‘Je moet net zo open en echt naar hen luisteren wat ze tegen jou te zeggen hebben als jij zou willen dat ze naar jou luisteren’. Hij liet met een tekst uit Jes. 59 zien “En wat Mij aangaat, dit is mijn verbond met hen, zegt de Eeuwige. Mijn Geest, die op u is, en mijn woorden, die Ik in uw mond gelegd heb, zullen niet wijken uit uw mond noch uit de mond van uw kroost, noch uit de mond van het kroost van uw kroost, zegt de Eeuwige, van nu aan tot in eeuwigheid.”. Ok, dacht ik, geen probleem, dat ga ik doen (en ik ervaarde daarop de blijdschap van God over mijn beslissing).

 

Toen kwam ik tijdens een eerstvolgend bezoek (zonder groep) bij een van de settlers die ik had ontmoet in Sussya (bij Hebron) en begon met hem te spreken (ook over Jezus). Wat me als eerste raakte was dat ik daar ook weer zeer sterk Gods aanwezigheid ervaarde. Nogmaals,  om eerlijk te zijn veel sterker dan bij de Messiasbelijdende gelovigen die ik intussen vele malen (en in grote diversiteit) had ontmoet.

 

Hij zei me toen. "Op grond van een groot aantal teksten in de Tenach (Oude Testament) kan Jezus niet de Messias zijn zoals de christenen hem voorspiegelen." Ik wilde het naast me neer leggen,  maar het liet me niet los. Die avond herinnerde God me aan die woorden die God eerder tot me sprak. Ik zei: "Maar Heer ik kan dit toch niet gaan onderzoeken". Het liet me niet meer los. Ook toen ik weer terug in Holland kwam. De Heer begon me meer en meer te dringen om meer om verder met deze man te praten. Uiteindelijk dacht ik: “Wat is er mis om de waarheid te onderzoeken? Als iets echt waarheid is dan kun je het onderzoeken.” Tenslotte had ik altijd tegen ieder beweerd dat ik juist op grond van het Oude Testament in zijn geheel in Jezus geloofde. Dan zou ik ook nu zijn argumenten kunnen onderzoeken.

 

Twee maanden later kwam ik (met een groep) weer bij die persoon, Ishai, en besloot de vragen open aan hem te stellen en te luisteren op de manier zoals God dat tot me had gezegd. Ik besloot vragen aan hem te stellen waarom volgens hen Jezus op basis van het Oude Testament niet de Messias kon zijn. Zo spraken we met elkaar over vergeving in het OT, over het Nieuwe Verbond, over Jeremia 31, Ezech. 36, Jesaja 53, Ps 22, Ps 102, Micha 5, Jesaja 9 etc.etc. Op die reis ontmoette we in een andere settlement, Negohot, Nechemia (studerend voor rabbijn en leraar in Joodse filosofie) waarbij we ook zeer sterk Gods aanwezigheid bemerkte. Op het moment dat we hem de eerste keer ontmoeten, wisten we: dit bezoek is door God gearrangeerd. Ook met hem begonnen we, toen en tijdens volgende ontmoetingen, open deze teksten te bespreken.

 

Duidelijk las ik over het kenmerk van het ingaan van de Nieuwe Verbonds periode: Namelijk dat dan ieder vanuit zichzelf volgens de Thora leeft en dat de Torah in ieders hart geschreven is. Niemand hoeft de ander meer te leren, want….. enz.  (Jer. 31 en Ezech 36). Als ik om me heen keek in de christelijke kerk kon ik dat echt niet zien.  Ook Jes. 53  gaat in zijn context en vanuit het Hebreeuws duidelijk over het volk Israël, zo liet hij zien.

 

Wat Ishai en Nechemia me vertelden raakte me diep. Duidelijk merkte ik Gods hand in het geheel. Volledig onthutst vroeg ik aan God: “maar dat kan toch niet waar zijn wat hij allemaal vertelt?. Waar is Jezus dan voor gestorven? Toen we daar vertrokken waren, begon ik er verder over na te denken. Aan de ene kant beangstigden al deze dingen me. Maar om eerlijk te zijn waren het eigenlijk meer de zij-aspecten die me het meest benauwden. Wat zal je omgeving, je vrienden, de gemeente zeggen als je dit voor waar houdt en je dit onderzoekt. Iedereen zal je in de steek laten. Maar aan de andere kant ervaarde ik op dat moment diep in m’n hart de rust van God. Ik wist ten diepste dat deze man de waarheid had sprak. Maar eigenlijk wilde ik daar niet aan. Juist omdat ik me realiseerde dat het zoveel consequenties zou hebben en ik het idee zou hebben dat ik me al die tijd in mijn relatie met God mogelijk voor de gek zou hebben gehouden. Daar wilde ik eigenlijk ook niet over nadenken. Toch liet het me niet los en ik  bleef er verder over piekeren.

 

Na een paar nachten bijna niet geslapen te hebben besloot ik God een teken te vragen (in de hoop dat het me dan duidelijk zou worden dat Jezus gewoon de Messias is). Ik vroeg: “Vader, Ik vraag uw een teken want ik wil de absolute waarheid weten. Ik wil uw weg gaan. Ik wil uw reactie ervaren en weten. Wat vindt u ervan als ik niet geloof dat Jezus de bedoelde Messias is. Wat is uw reactie dan op mij. Vindt U het erg dat ik dat niet zou geloven?” Ik verwachtte (en hoopte) de toorn van God op dat moment direct te ervaren. Dat gebeurde echter niet. In tegendeel; Ik werd overspoeld met de liefde van God. Ik schrok enorm want dat had ik niet verwacht. Direct zette ik het naast me neer omdat dit niet was wat ik eigenlijk wilde. Maar het liet me niet los. Ik dacht, Ik vraag het nog eens. Ik kan me tenslotte vergist hebben. En weer ging ik in gebed en vroeg de Vader oprecht Zijn reactie te laten zien als ik Jezus niet als Messias en verlosser zou belijden. En weer dezelfde reactie. Ik werd overspoeld door de liefde van God. En weer schrok ik (omdat ik nog steeds ten diepste hoopte op het tegendeel). En opnieuw zette ik het van me af. Maar het bleef bij me hangen. Twee keer had ik oprecht om een teken gevraagd en twee keer had de Eeuwige, de God van Israël me een antwoord gegeven. Ik besloot het voor de derde keer te vragen en naar het antwoord te handelen. Diep ging ik in gebed. Vader, ik wil het echt weten. Dit antwoord is zo belangrijk voor me. Ik ervaar het aan u te moeten vragen. Wat is Uw reactie als ik niet geloof dat Yeshua de Messias en verlosser is. En ook nu weer overweldigde mij de liefde van God. Ik kon er niet omheen. Het was geen vaag antwoord. Het was overduidelijk.

 

Toen zei ik. Drie keer heb ik het gevraagd en drie keer heb ik antwoord gekregen. Ik ga de teksten die Ishai en Nechemia mij hebben aangereikt verder bestuderen met de mogelijkheid dat er dan allerlei dingen uitkomen die mij anders tegen Jezus aan laten kijken dan ik dat tot op dat moment had gedaan.

 

Ik begon met het bestuderen van de Thora: Ik kwam het volgende tegen over de toekomst. Deut. 4: 25  Wanneer gij kinderen en kindskinderen verwekt hebt en in het land ingeburgerd zijt en gij dan verderfelijk handelt door een beeld te maken in welke gedaante ook, en doet wat kwaad is in de ogen van de Eeuwige, uw G’d, en Hem krenkt; 26  ik neem heden de hemel en de aarde tegen u tot getuigen, dat gij zeker spoedig zult omkomen in het land, dat gij na het overtrekken van de Jordaan in bezit zult nemen; gij zult daarin niet lang leven, maar zeker verdelgd worden; 27  de Eeuwige zal u onder de natiën verstrooien en gij zult met een klein getal overblijven onder de volken, bij wie de Eeuwige u brengen zal; 28  dan zult gij daar goden dienen: werk van mensenhanden, hout en steen, die niet zien, noch horen noch eten noch ruiken. 29  En dan zult gij daar de Eeuwige, uw G’d, zoeken en Hem vinden, wanneer gij naar Hem vraagt met uw ganse hart en met uw ganse ziel. 30  Wanneer het u bang zal zijn en in de toekomst al deze dingen u zullen overkomen, dan zult gij u bekeren tot de Eeuwige, uw G’d, en naar Hem luisteren. 31  Want de Eeuwige, uw G’d, is een barmhartig G’d, Hij zal u niet verlaten noch u verderven en Hij zal niet vergeten het verbond met uw vaderen, dat Hij hun onder ede bevestigd heeft. En verder in Deut. 30:1-6 “Wanneer dan al deze dingen over u komen, de zegen en de vloek, die ik u voorgehouden heb, en gij dit ter harte neemt te midden van al de volken, naar wier gebied de Eeuwige, uw God, u verdreven heeft, En gij keert terug tot de Eeuwige, uw G’d, en luistert naar zijn stem gelijk alles wat ik u heden gebied, gij en uw kinderen, met geheel uw hart en met geheel uw ziel, Dan zal de Eeuwige, uw G’d, tot uw gevangenen terug keren en Zich over u erbarmen, en zal Hij u weer verzamelen uit al de volken, waarheen de Eeuwige, uw G’d, u verstrooid heeft. Al waren uw verstootenen aan het einde des hemels, van daar zal de Eeuwige, uw G’d, u verzamelen en van daar zal Hij u nemen. De Eeuwige, uw G’d, zal u brengen in het land, dat uw vaderen bezeten hebben, gij zult het in bezit nemen; Hij zal het u wél doen gaan en u vermeerderen nog meer, dan uw vaderen. De Eeuwige, uw G’d, zal uw hart en het hart van uw nakroost besnijden, om de Eeuwige, uw G’d, te beminnen met geheel uw hart en met geheel uw ziel, opdat gij leven moogt. ”. We hebben het volk de verstrooiing in zien gaan. Het komt nu terug. Keerpunt is niet het geloof in de Messias maar bekering tot God door het onderhouden van de Thora.

 

Verder bestudeerde ik het boek Ezechiël. In Ezechiël 45 kwam ik tegen dat de Messias (zie ook Ezech 37:25) in de toekomst in de tempel zal offeren. Ja hij zal een zondoffer voor zichzelf en voor het volk brengen. Ezech. 45:17-22 “17  Maar op de vorst rust de plicht van de brandoffers, het spijsoffer en het plengoffer, op de feesten, de nieuwemaansdagen en de sabbatten, op al de hoogtijden van het huis Israëls. Hij zal het zondoffer en het spijsoffer, het brandoffer en de vredeoffers brengen, om verzoening te doen voor het gehele huis Israëls. 18  Zo zegt Adonai de Eeuwige: In de eerste maand, op de eerste der maand, zult gij een gave jonge stier nemen en daarmede het heiligdom ontzondigen. 19  De priester zal daartoe iets van het bloed van het zondoffer nemen en dat strijken aan de post van het huis, aan de vier hoeken van de omloop van het altaar en aan de post van de poort van de binnenste voorhof. 20  Evenzo zult gij doen op de zevende van de maand ter wille van hen die onopzettelijk en onwetend zondigen; en gij zult verzoening doen voor het huis. 21  In de eerste maand, op de veertiende dag der maand, zult gij Pesach vieren; gedurende het feest van zeven dagen zullen ongezuurde broden gegeten worden. 22  Op die dag zal de vorst voor zichzelf en voor al het volk des lands een stier als zondoffer bereiden.” Verder staat er dat hij zonen zal hebben Ezech. 46:16: “Zo zegt Adonai de Eeuwige: Wanneer de vorst een geschenk aan een zijner zonen geeft, dan is het diens erfdeel; aan zijn zonen zal het toebehoren, het is hun bezit als erfdeel”. Gevolg: Een aantal theologische standpunten van me klopten niet. Het ging ook tegen een aantal Nieuw Testamentische teksten in. Ik realiseerde me echter wel dat ik de Nieuw Testamentische teksten aan de Oud Testamentische moest ‘toetsen’ en niet andersom.

 

Verder bestudeerde ik Jesaja en Jeremia. Duidelijk werd dat in al de profetieën de Messiaanse tijd belangrijker wordt geacht  (waarin het volk weer volgens de Thora zal leven) dan de persoon van de Messias. De Messias is een instrument in de handen van God om het volk weer de weg van de Thora te wijzen.

 

Omkeer in de situatie van Israël komt er niet door een Messias te aanvaarden maar door bekering naar de wegen van God. Zie Deut. 30 en Ezech. 18 en 33. Vergeving vindt plaats na bekering (zie ook de geschiedenis van Jona).

 

Ik wil dat met een aantal gedeelten verder uitleggen:  

In Leviticus kwam ik tegen dat er alleen een dier geofferd moest worden ter afwassing van zonden bij een specifiek aantal genoemd zonden (zie Lev. 4,5,6 de Hebreeuwse vertaling). En dat als voorwaarde voor het naderen van God in de Tabernakel en Tempel. Bij bewuste zonden was bekering het zoenmiddel.

 

Een offer moest verder op de speciaal daar voor geïnstrueerde plaats geslacht worden (in het tempelcomplex) en het bloed moest op de specifieke plaatsen gesprengd worden. Anders zou het offer door God niet als offer gezien en aanvaard worden. Bijv. Lev. 1:11 waar de plaats van slachting van het zondoffer wordt beschreven “Hij zal het aan de noordzijde van het altaar slachten voor het aangezicht van de Eeuwige; de zonen van Aharon, de priesters,  zullen het bloed rondom op het altaar sprengen

 

Trouwens, sommige teksten in het Nieuwe Testament begonnen we ook te begrijpen door ze uit hun grondtekst te lezen. Bijv. de tekst ‘Ik ben de weg de waarheid en het leven, niemand komt tot de Vader dan door mij’. Vanuit het Grieks kun je het ook zo lezen: 'IK BEN' (de Eeuwige) is de weg de waarheid en het leven. Niemand komt tot de Vader dan zoals ik. Dat is wel even wat anders. Maar in het kader van de volgende tekst niet. Mar 10:18  En Jezus zeide tot hem: Waarom noemt gij Mij goed? Niemand is goed dan God alleen. In die tekst geeft hij aan niet God te zijn. Dat heeft het christendom van hem gemaakt (per decreet door keizer Constatein in het jaar 325 van de gewone jaartelling)

 

Verder ontdekte ik dat ook de offerinstructies die in de Thora vermeld staan voor eeuwig gelden (zoals je ook kunt zien in Ezech 44-50) en Jer 33:18-22 en Mal 3:4 (dit in tegenstelling tot wat er in de Nieuw Testamentische Hebreeënbrief staat).

 

In dit alles ervaarde en ervaar ik nog steeds in toenemende mate 'de hand van' God, de Eeuwige, de G'd van Israël. Juist in afhankelijkheid en overgave aan de Eeuwige liet Hij me al deze dingen zien en wilde dat ik persoonlijk daar stappen in zette om me aan te sluiten bij het volk Israël zoals dat in Jesaja 56 staat. Nu merk ik hoe belangrijk het was dat ik geleerd had om in vrijheid Gods weg te gaan, vertrouwend dat Hij zelf mij de weg laat zien. Ondanks het feit dat vele mensen me probeerden tegen te houden durfde ik God, de God van Israël te vertrouwen dat Hij me verder in de waarheid zou leiden. De vrijheid om te luisteren naar Zijn stem en het gaan in Zijn weg kwam me nu goed van pas.

 

Samen met anderen zijn we zo op weg. Ieder gaat daar persoonlijk zijn weg in. Wat God aan de ene openbaarde doet hij ook aan anderen. We hebben de leerstelling losgelaten dat er alleen vergeving mogelijk is door Jezus als Messias te belijden omdat we zoveel teksten in de Tenach (Oude Testament) tegen komen die vergeving (ook voor de toekomst) anders invullen.

 

Ondertussen hebben we nog veel meer orthodoxe Joden (vooral onder de settelers) ontmoet die een sprankelend geloofsleven hebben en vol zijn van Gods Geest. Samen gaan we verder om de weg van de Eeuwige te gaan.

 

Ons gebed was, is en blijft. Doorgrond mij, o God, en ken mijn hart, toets mij en ken mijn gedachten;  zie, of bij mij een heilloze weg is, en leid mij op de eeuwige weg (Ps 139:23,24) . Verder staat er in Ps. 25:12  Wie is de man die de Eeuwige vreest? Hij onderwijst hem aangaande de weg die hij moet kiezen. 13  Hij zelf zal in voorspoed vertoeven, en zijn nageslacht zal het land beërven. 14  De vertrouwelijke omgang van de Eeuwige is met wie Hem vrezen, en zijn verbond maakt Hij hun bekend. 15  Mijn ogen zijn bestendig op de Eeuwige, want Hij voert mijn voeten uit het net.

 

Terug kijkend naar het verleden zie en ervaar ik het als een doorlopende weg om niet naar eigen goeddunken te leven maar naar de wil van God. Dankbaar kijk ik terug naar het verleden. God leidde me binnen het christendom naar Hem en leidde mij eruit. God gebruikte en gebruikt het christendom om miljoenen mensen tot Hem te brengen. Zo ook ik. Nu ga ik verder de weg die Hij wil dat ik zal gaan.

 

Zo groeide er meer en meer in ons het verlangen om de Eeuwige te dienen door de eeuwige, onveranderlijke Thora te gaan onderhouden in het land Israël en aan te sluiten bij het volk Israël (Jes.56). De 'bazuin heeft geklonken'. Die verloren waren in/via Assur en Egypte worden weer teruggebracht (Jes. 27:13). Nu zijn we op weg om Joods te gaan worden. Er is contact gelegd met verantwoordelijke rabbijnen die ons begeleiden. Rabbijnen waar we samen, met veel blijdschap, mee studeren. We ontdekken meer en meer in die eeuwenoude Thora. We genieten meer en meer van G'ds goedheid en van de dingen die Hij in deze tijd doet. We  zien meer en meer de wonderen die Hij aan het doen is. Een volk aan het terugbrengen is. Iets wat eeuwen geleden beloofd is. Iets wat lang niet voor mogelijk werd gehouden. We zien het met onze eigen ogen gebeuren. We staan er middenin. De Eeuwige is groot en goed !!!

 

Inmiddels zijn we Joods geworden (uitgekomen in het Joodse volk) en wonen we in Eretz Israel in het Hebron gebergte. Voor mij is het als een thuis komen. Ondanks het verlies van de meeste vrienden die deze weg niet begrijpen en waarderen ga ik stap voor stap de weg die de Eeuwige me wijst. Met heel veel blijdschap. Uit Nederland, via België naar Eretz Israël. Israël, de enige plaats ter wereld waar we als onderdeel van het Joodse volk de Eeuwige kunnen dienen volgens de richtlijnen van de Thora. Israël, de enige plaats op aarde waar we als volk Israël de taak kunnen vervullen om het Koninkrijk van G'd naar deze wereld te brengen door middel van het verspreiden van het licht van de Thora.

 

God kent onze weg. Dagelijks ervaren we zijn overduidelijke leiding en vreugde over deze stappen. Daarom moeten we persoonlijk die weg gaan die God ons wijst net zoals ieder ander dat moet doen. Natuurlijk kun je direct deze weg als ongoddelijk en misschien zelfs blasfemisch afwijzen. Maar je zou ook de dingen open aan God kunnen vragen. Je zou jezelf anders een kans ontnemen waarin God je nieuwe dingen wil laten zien.

 

 

 

 

 

Getuigenis 2; van Chaim

 

Mijn naam is Chaim (17 jaar), je zou denken dat ik al Joods was. Maar ik kom uit een Christelijk gezin.

Mijn ouders zijn overtuigde christenen met veel respect voor Israël en het Joodse volk. In tegenstelling tot veel andere christenen geloven ze niet dat het Joodse volk alleen gered kan worden door Jezus te accepteren. Ze hebben me in mijn opvoeding duidelijk gemaakt dat de christenen het Joodse volk niet hebben vervangen maar dat Israël onze oudere broer is, en daar ben ik ze dankbaar voor. Vanaf mijn geboorte ging ik al naar de kerk. Dit waren geen bijbelgetrouwe christenen maar meer overtuigde socialisten. Deze gedachte vonden mijn ouders ook mooi toen ze zich aansloten bij deze kerk en mij lieten dopen. Gelukkig wilde mijn vader toen ik ongeveer 13 jaar oud was zijn geloof meer verdiepen. Hij is geen overtuigd socialist meer en is helemaal afgeknapt op het anti-zionistische karakter van het socialisme. We gingen naar meer bijbelgetrouwe kerken en thuis werd er veel over Israël gepraat. Mijn ouders zijn toen ook lid geworden van Christenen voor Israël. Altijd kreeg ik te horen dat Israël onze oudste broer is en dat we ons dat moeten realiseren maar dat ze wel blind zijn voor de messias. Ik was daar ook van overtuigd maar begon steeds meer interesse te krijgen in het Jodendom.

Zo hoorde ik van de precieze wijze waarop de Torah word ‘gekopieerd’ en wijsheid die van generatie op generatie overgegeven werd. Ik vond het steeds vreemder dat deze mensen met hun enorme wijsheid toch blind waren voor de messias. Voor de rest hield ik me weinig met geloofszaken bezig maar begon me meer te verdiepen in het zionisme. Daar was ik helemaal vol van. Op mijn middelbare school ging elke spreekbeurt, werkstuk of presentatie over de staat Israël. Later begon ik me meer te interesseren voor het Jodendom omdat ik met mijn gezin Joodse musea en dergelijke tentoonstellingen bezocht. Op internet ging ik op zoek naar informatie over het Jodendom. Zo kwam ik ook allerlei sites tegen waarop rabbijnen in discussie gingen met christenen. Er werden bijbelteksten aangehaald en die ging ik ook zelf bekijken. De standpunten van de rabbijnen leken me heel logisch en ik begon uitleg te vragen aan mijn ouders en aan de dominee. De dominee vertelde me dat de bijbel niet letterlijk genomen moest worden maar dat het een boek is waaruit men een goede boodschap moet halen. Toen wist ik al dat geloven op die manier voor mij geen zin had omdat ik geloof in een levende God. Gelukkig konden mijn ouders hun standpunten wel beargumenteren, maar toch ging het er bij mij niet in dat Jezus de hele Torah overbodig had gemaakt. Mij werd dan verteld dat het niet overbodig was gemaakt maar was ‘vervuld’. Daar had ik ook moeite mee.

Op een dag keek ik op de website van de Shalom Gemeente. Ik las een verhaal over een man die God simpelweg gebeden had om wijsheid. Het klinkt heel vanzelfsprekend maar dat had ik eigenlijk nog nooit gedaan. Als er echt een levende God is die ik wil dienen zal Hij me daar toch bij helpen, als ik er voor open sta?

Ik was nog nooit tot die conclusie gekomen omdat ik altijd alleen de boodschap van het socialisme, met een christelijk laagje, had gehoord maar nooit was verteld van een levende God die een is. ’s Nachts bad ik tot God . Ik vroeg Hem welke weg ik moest gaan. Ik vroeg God of ik dit wel mocht onderzoeken, en of ik wel mocht twijfelen aan zijn zoon. In plaats van een verlaten gevoel waar ik bang van was werd ik juist overspoeld door Zijn liefde. Midden in de nacht heb ik toen God geprezen. De volgende dag besloot ik mijn ouders meteen te vertellen dat ik niet meer kon geloven in een gedeelde God. Ze vonden het erg maar gingen gelukkig met me in discussie en keurden mijn manier van geloven niet af. Ik probeerde te zoeken naar manieren om in contact te komen met Joodse mensen. Op internet las ik vaak van mensen die het zeer moeilijk vonden omdat de Joodse gemeenschap ook niet meteen staat te springen om je op te nemen. Maar als dit echt de weg was die God met mij wilde gaan zou ik volhouden. Ik besloot de mensen van de Shalom Gemeente te mailen en te vragen of ik een contactdag bij zou mogen wonen. Ik werd met open armen ontvangen. Het was heel gezellig maar ik kreeg ook genoeg boeken mee om thuis in te lezen, om zo mijn geloof te verdiepen. Daarna heb ik nog een tijdje gelezen en contact gezocht met rabbijnen en mensen van de Joodse gemeenschap. Soms wilde ik te hard maar ik kreeg gelukkig ook te horen dat ik de eerste geboden niet moest vergeten. Het respecteren van mijn ouders en de goede opvoeding die ik van ze heb gekregen niet te vergeten. Nu probeer ik thuis Hebreeuws te leren en ik studeer bij een rabbijn om uiteindelijk uit te komen. Ondanks dat ik nog een lange weg te gaan heb weet ik dat het met de hulp van de Eeuwige zal lukken.

 

 

Naschrift Shalom Center. Chaim heeft inmiddels het giyur proces voltooid en is Joods geworden. Hij studeert nu aan een yeshiva in Israel.

 

 

 

Getuigenis 3; van Toon uit Vlaanderen

 

Waarom ik Jood word.

 

Als je spreekt over – zoeken naar waarheid – moet je bij mij zijn, daar kan ik over meepraten.

 

1947 was een goed jaar om geboren te worden. Niets stond ons gezin in de weg om het geluk tegemoet te gaan.

 

De oorlog was voorbij en een nieuwe tijd brak aan.. Wij hadden het in de beginjaren niet breed want vader moest vanaf nul beginnen bouwen en er moesten vijf kindermonden worden gevoed. En toch verliep mijn kindertijd zorgeloos en gelukkig. Dit was vooral te danken aan mijn vader en moeder. Zoals zij, zijn er volgens mij geen ander. Vader gaf ons het voorbeeld hoe we moesten bidden tot God als Hemelse Vader.

 

Mijn eerste contact met godsdienst begon in de Katholieke kerk. Al heel jong gaf ik mij helemaal over aan kerk en dienst en begon ik veel interesse te betonen voor het mystieke binnen de Katholieke kerk. Alle dagen ging ik twee maal naar de kerk en werd ik ook dienaar in de liturgische diensten. Ik gaf mij helemaal omdat ik geloofde dat dit de enige weg was naar de hemel.

 

In de jeugdjaren al had ik belangstelling voor het Joodse volk en las ik de verhalen en de geschiedenis. Maar ik werd bij het beoordelen van dat volk door de kerk op het verkeerde been gezet en ik nam aan dat de kerkleraars het bij het rechte eind hadden  Ik geloofde dat het Joodse volk, door hun eigen schuld, het recht om - het Volk van God - te zijn hadden verloren. Hadden zij Jezus niet vermoord? In de misviering van Pasen zongen wij het lijdensverhaal van Jezus, zo zongen wij – kruisig hem, kruisig hem, zijn bloed kome over ons en onze kinderen (Mattheus 27: 22-25)  – Hadden zij die vloek niet over henzelf uitgesproken?

 

Later besefte ik dat deze woorden niet uit Gods Woord kwamen maar uit het testament van de Kerk.

 

Wat wel in de Torah staat is dit – Ik zal zegenen die jou zegenen en die jou vervloekt zal Ik vervloeken – Dit zei de Eeuwige tot Abram toen Hij hem beloofde tot een groot volk te maken. God komt nooit terug op Zijn uitspraken.

 

Laten we terugkeren naar mijn verhaal.

 

Toen ik zestien jaar werd kreeg ik een sterk verlangen om priester te worden. De studies werden voorbereid, verdiepte mij in de Katholieke leer en zijn dogma s en zette deze belangrijke stap. Gelukkig nu heb ik nooit de studies afgemaakt, anders was ik nooit gehuwd geweest en had nooit kinderen gehad.

 

Toch bleef mijn verlangen om meer te weten en meer kennis te verwerven over God en Zijn plan met Zijn schepping. Hoe meer ik studeerde en logisch nadacht, hoe meer ik tot de conclusie kwam dat mijn mooie Katholieke geloof niet kon stand houden tegenover de Bijbel. In die tijd kwam ik in contact met de stromingen binnen het protestantisme, de Pinster- en Charismatische kerken. Dit moest het dan zijn, dit zou mijn geschokt vertrouwen in het Christendom terug herstellen.

 

Het begon allemaal thuis met een kleine charismatische gebedsgroep. Ik ondekte dat er heel wat mensen op zoek waren naar een geloofsleer die geen hiaten vertoonde.

 

 We begonnen te leven zoals de eerste kerk dat deed, het stond beschreven in de brieven en handelingen van de Apostelen. Wat waren we uitgelaten en blij. Wij spraken in tongen en profeteerden over de wereld en over elkaar en zelfs geloofden wij dat wij nu het geestelijk Israel waren. Nogal vlug kwam ik tot de bevinding dat ik daarin verkeerd zat. Hoe meer ik in de Bijbel las en vooral de boeken van de Profeten, kon ik dat geestelijk Israel niet hard maken. Er werd te veel geprofeteerd over een tijd die nog moest komen en die duidelijk over het gekozen Volk van God ging, waar wij niets mee te maken hadden.

 

 De kerk voelde soms aan als uiterst arrogant tegenover God. Ook had de Torah afgedaan na de dood van Jezus, want hij had de wet vervuld.

 

Twee gemeenten heb ik gesticht in de loop van ongeveer tien jaar. Altijd zoekend naar verandering en vernieuwing om tot de waarheid te komen. Om gaten te dichten in de geloofsleer. Altijd nieuwe dingen uitproberen. Ik liet mij soms meeslepen door grote woorden van zogenaamde “mannen gods” en telkens kwam ik tot de conclusie dat ik bedrogen werd.

 

Uiteindelijk gaf ik de kerk op. Ik trok mij terug uit allerlei leiderschap en zette mij in mijn zetel met de Bijbel.

 

Deze beslissing was een goede beslissing. Ik begon in te zien dat Israel moest bovenaan gezet worden en niet de kerk. Als ik zo de Bijbel begon te lezen kwamen meer en meer woorden op de juiste plaats en gingen mijn ogen open. Maar nu ontstond er een ander probleem, het “ Nieuwe Testament” begon teksten te vertonen die ik niet meer kon plaatsen, teksten zelfs die tegen Gods Woord ingingen, dus de problemen waren nog niet van de baan.

 

In die tijd is de liefde voor Israel als volk en land sterk toegenomen. Ik begon alles wat ik onder handen kreeg over dit onderwerp te lezen en te plaatsen en te toetsen aan het Woord van God. Ik sloot mij aan bij een gemeente in Dordrecht Nederland welke het Joodse Volk bovenaan de lijst zette. Met hen ging ik in die jaren vijf keer mee naar Israel.

 

Als je nu dacht dat de problemen nu eindelijk van de baan waren heb je het verkeerd voor.

 

Bert Woudwijk, de leider van die gemeente kwam tot de bevinding dat het Christendom niet op waarheid beruste en stapte uit de kerk en werd na een voorbereidingsperiode Jood!

 

Ik dacht, die man is gek. Er waren zoveel opwerpingen tegen zijn besluit. En onze Messias dan?

 

Ik wilde er niets van weten tot mijn dochter op een keer zei” Papa, ik wil Joods worden” Zoals ze bij ons zeggen –ik hoorde het in Keulen donderen.

 

Lang heb ik erover nagedacht. Ik kwam tot de bevinding dat ik er altijd was van uitgegaan, dat de waarheid te ontdekken was vanuit mijn oude geloof.

 

Toen ben ik gaan denken vanuit de Torah en de Profeten. Het Nieuwe Testament van de Christenen even in de kast gelegd. Ik ontdekte nu dat alle puzzelstukken mooi in elkaar gingen passen. Torah is de waarheid.

 

Je kan wel raden wat er verder gebeurde, Ik en mijn dochter zijn nu in een fase van voorbereiding om ons bij het Joodse Volk te voegen.

 

Mijn beste vriend vroeg mij vorige week: “ga je dan nooit ophouden om naar waarheid te zoeken”, ik heb hem geantwoord dat dit nu, na bijna 60 jaar, eindelijk gevonden is.

 

 

Toon Van Sant, inmiddels Baruch Shlomo Ben-Israël, wonende in Susya - Har Hevron, Eretz Israel

 

 

Getuigenis 4; van Herman

 

Als kind begreep ik al niet dat Jezus zei dat er geen tittel noch jota van de wet zal vergaan en dat hij niet gekomen was om hem af te schaffen maar te vervullen.Terwijl wij de wet niet meer hoefden te houden.De uitleg toen en ook nu was en is:Jezus heeft dat gezegd toen hij op aarde was, maar na zijn verheerlijking geldt dat niet meer voor ons want de wet is door hem volmaakt gehouden en wij kunnen het toch niet (zelfs de kinderen Israëls konden het niet) en

daarom hoeven wij het nu niet meer,want hij is voor ons gestorven en zijn bloed heeft ons gereinigd van onze zonden.

Dit antwoord van toen en nu zat me toen al niet lekker want ik begreep het niet.Dat onderscheid wat gemaakt werd dus.Later ben ik echt gelovig geworden en via allerlei kerkelijke stromingen (ook volle evangelie en gewoon evangelische gemeenten) terecht gekomen bij de Messiaanse Joodse Gemeente. Hier leerde ik veel omtrent de mitswot die wel behoren te worden gehouden alsmede de Shabbat en de moadiem. 15 jaar geleden gaf ik eindelijke toe aan mijn drang om meer het Oude Testament te bestuderen. Ik leerde Ivriet

3 seizoenen lang en wij stonden op het punt om te gaan emigreren naar Canada. Toen het groene licht kwam durfde mijn vrouw plotseling niet meer en we zijn dus gebleven. Gelukkig maar.Een vriendin van ons met de gave van profetie (we waren echt betrokken bij het charismatische) zei ons niet naar Canada te gaan en dat ik meer het Joden dom en Oude Testament moest gaan bestuderen. Nou, dat deed ik dus al een tijdje.Na jaren door studeren kwam ik op internet een schokkend relaas te lezen van Eliyahu Silver. Dit hem ik enige jaren laten rusten. Het was te schikkend en achteraf niet echt diplomatiek maar beschuldigend geschreven. 3 jaar terug kwam ik te spreken met een collega die geen Jood is maar toch studeerde bij een rabbijn van de Chabad in Antwerpen. Hij was ook eerst Evangelisch en is zich nota bene door een spreekbeurt van Jan van Barneveld over Israël, zich hierin gaan verdiepen en gaan interesseren. Hij werd aangeraakt dus. Van hem ook weer enige zaken gehoord en nagezocht en toen begon het een beetje te komen. De collega vertrok en het contact verwaterde. Via de Site van de Shalom-gemeente kwam ik langzaam meer en meer tot inzicht wat een zware geloofs crises tot gevolg had. Met mailtjes over en weer met Bert Woudwijk en de info op zijn site en natuurlijk alles nazoeken, moest ik capituleren en ben

omgegaan rationeel gezien. Momenteel heb ik het af en toe nog wel eens moeilijk (mijn emoties van een halve eeuw christelijk geloof, draai je niet zomaar uit.), maar het wordt minder.Bert is inmiddels Aryel geworden, mazzaltov. Ik ben er naar op weg. Dit zal nog wel even duren. Per slot van rekening ben ik al 15 jaar bezig en dan scheelt een jaar meer of minder niet veel.

Overigens de Kerkgeschiedenis en het onderzoek naar de evangeliën hebben mij overtuigd van het niet betrouwbaar zijn van het NT. Ook de verwijzingen in het NT naar de Tenachteksten kloppen gewoon niet. Hiervan staan vele voorbeelden op de site van het Shalomcenter . Hierop staan ook vele links om verder te zoeken. (zelfs enkele in het Nederlands.)

 

 

 

 

 

Getuigenis 5; van Max

 

Mijn naam is Max Been en ik woon in het noorden van het land.

 

Ik ben geboren in een Nederlands Hervorm gezin en heb de zondagschool bezocht en ging naar de School met den Bijbel. Ik geloofde in God met heel mijn hart en ziel. Maar ik ging niet naar de kerk. Later toen ik van school ging bleef ik contact zoeken met God. Toen ik trouwde werd dat steeds minder, en bleef alleen het besef dat er een God is. In 1993 werd ik door een collega op mijn werk weer actief gelovig: ik bad weer en las weer in de Bijbel. Nadat mijn huwelijk strandde mede door het geloof, ging ik weer naar de kerk en via de baptistengemeente, pinkstergemeente werd ik een shabbatvierend christen en later ik nam de Thora aan en zo langzamerhand kwam ik waar ik nu ben. En ik ben nog steeds op weg.

 

Hoe komt het dat een overtuigd Christen langzamerhand kiest voor de oorspronkelijke Joodse leer?

 

 

Mijn verhaal

 

In 2005 las ik deze passage:

 

“Ik wist hoe ik de Bijbel moest lezen door bepaalde gedeeltes over het hoofd te zien en andere zodanig te interpreteren, dat zij altijd zeiden wat ik geleerd had. We wisten dat elke andere opvatting van de Bijbel een scheiding tot gevolg zou hebben tussen ons en onze naaste vrienden en familie. Zo nu en dan voelde ik me er niet prettig bij. Ik las dan iets in de Bijbel, dat helemaal niet klopte met wat ik geleerd had.”

Don Finto in zijn boek Uw volk is mijn volk

 

Toen ik deze verklaring van Don Finto las werd ik bewust van iets waar ik al enkele jaren mee bezig was en het verwoordde een aantal onbewuste gedachten en gevoelens.

 

“Ik las dan iets in de Bijbel, dat helemaal niet klopte met wat ik geleerd had”

 

Kerstfeest, daar begon het mee, het was geen Bijbels feest, integendeel het had een heidense oorsprong. Daarnaast had ik had ontdekt dat Jezus niet rond de kerst is geboren, maar ergens in september/oktober. Ik voelde mij er steeds minder prettig bij het fenomeen kerstfeest en in 1999 wilde ik alleen de geboorte van Jezus vieren, zonder die kerstboom en al die opsmuk.

 

In 2003 kwam ik bij een gemeente die in mei 2003 overging naar de Shabbat. Ik ging mee want in Deuteronomium 5 wordt ons voorgehouden door Mozes:
12 Onderhoudt den sabbatdag, dat gij dien heiligt; gelijk als de HEERE, uw God, u geboden heeft.

13 Zes dagen zult gij arbeiden, en al uw werk doen;

14 Maar de zevende dag is de sabbat des HEEREN, uws Gods; dan zult gij geen werk doen, gij, noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienstknecht, noch uw dienstmaagd, noch uw os, noch uw ezel, noch enig van uw vee, noch de vreemdeling, die in uw poorten is; opdat uw dienstknecht, en uw dienstmaagd ruste, gelijk als gij.

15 Want gij zult gedenken, dat gij een dienstknecht in Egypteland geweest zijt, en dat de HEERE, uw God, u van daar heeft uitgeleid door een sterke hand en een uitgestrekten arm; daarom heeft u de HEERE, uw God, geboden, dat gij den sabbatdag houden zult.

 

Ook Jezus vierde de Shabbat en ook Paulus. Nergens las ik in de Bijbel helder en duidelijk dat de Shabbat door de zondag vervangen was of vervangen diende te worden. De Bijbel was duidelijk, dus ik ging de Shabbat vieren. Per slot van rekening is dit ons als een eeuwige inzetting gegeven. (Exodus 31:16-17 )

 

Ook ging ik de feesten vieren die voorgeschreven zijn in de Thora. En dit op de manier en de tijd zoals de Thora ons voorschrijft. Ik werd me er van bewust dat dit ook als een eeuwige inzetting is gegeven.

 

In die tijd kreeg ik veel vragen rond een deel uit de Bergrede van Jezus en deze tekst bleef ik mijn gedachten hangen:

Matthéüs 5

17 Meent niet, dat Ik gekomen ben, om de wet of de profeten te ontbinden; Ik ben niet gekomen, om die te ontbinden, maar te vervullen.

18 Want voorwaar zeg Ik u: Totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet één jota noch één tittel van de wet voorbijgaan, totdat het alles zal zijn geschied.

 

Jezus zegt hier: dat hij niet kwam om de wet en de profeten te ontbinden. En dat de wet zal blijven bestaan tot hemel en aarde voorbij zijn gegaan. Hij zegt dat er niets van de wet zal voorbij gaan totdat alles is geschied.

 

De hemel en aarde zijn niet vergaan. Dus moest de wet nog geldig zijn. Dat zou betekenen dat wat het christendom ons over de wet leert, niet klopt. Want als Jezus de Zoon van God is, ja zelfs God is, zoals dat wordt geleerd, wie heeft dan het recht om de wet aan de kant schuiven? Toch leert Paulus ons dat de wet aan het kruis is genageld. Dat wij vrij zijn van het juk der wet.

 

Maar Jezus leerde ons iets anders. Mozes en de profeten leerden ons iets anders en in het laatste boek van het oude testament leert Maleachi ons op de valreep:

Maleachi 4:4: (SV)

4 Gedenk der wet van Mozes, Mijn knecht, die Ik hem bevolen heb op Horeb aan gans Israël, der inzettingen en rechten.

 

Toen ik mij dit realiseerde kreeg ik het verlangen om te zoeken naar de wortels van het ware christendom en naar de waarheid.

 

Er waren een aantal dingen waar ik onbewust moeite mee had. Door de christelijke leer werd dit naar de achtergrond gedrongen.

 

Deze zijn onder andere:

opsommingsteken

eenheid van God versus vader/zoon/Heilige Geest

opsommingsteken

vergeving in het Oude Testament

opsommingsteken

het nieuwe verbond

 

De eenheid van God staat zo omschreven:

 Deuteronomium 6:4

  Hoor, Israël! de HEERE, onze God, is een enig HEERE!

Deuteronomium 32,39

Ziet nu, dat Ik, Ik DIE ben, en geen God met Mij, Ik dood en maak levend; Ik versla en Ik heel; en er is niemand, die uit Mijn hand redt! 

Jesaja 44,6

Zo zegt de HEERE, de Koning van Israël, en zijn Verlosser, de HEERE der heirscharen: Ik ben de Eerste, en Ik ben de Laatste, en behalve Mij is er geen God.

 

 

Jesaja 44,8

Verschrikt niet, en vreest niet; heb Ik het u van toen af niet doen horen en verkondigd? Want gijlieden zijt  Mijn getuigen: is er ook een God behalve Mij? Immers, is er geen andere rotssteen: Ik ken er geen? 

Jesaja 45,5

 Ik ben de HEERE, en niemand meer, buiten Mij is er geen God;

Jesaja 45,21

Verkondigt en treedt hier toe, ja, beraadslaagt samen: wie heeft dat laten horen van ouds her? Wie heeft dat van toen af verkondigd? Ben Ik het niet, de HEERE? En er is geen God meer behalve Mij, een rechtvaardig God, en een Heiland, niemand is er dan Ik. 

Jesaja 45,22

Wendt U naar Mij toe, wordt behouden, alle gij einden der aarde! want Ik ben God, en niemand meer. 

Jesaja 46,9

Gedenkt der vorige dingen van oude tijden af, dat Ik God ben, en er is geen God meer, en er is niet gelijk Ik;

 

Deze teksten geven duidelijk aan dat er maar één God is, en dat Hij de Heiland is en dus de verlosser is.

 

Wat voor mij een eye-opener was dat overal waar de naam Heer of Here staat in de Oude Testament de vierleternaam Y-H-W-H staat.

 

Ook had ik grote problemen met de gedachte Jezus aan de rechterhand van de Vader. Dat zijn twee Goden. Terwijl het Oude Testament heel duidelijk is: er is maar een God.

 

Jesaja 42:8

Ik ben de HEERE, dat is Mijn Naam; en Mijn eer zal Ik geen anderen geven, noch Mijn lof den gesneden beelden.

 

Het lijkt mij dat er dus één God te veel is als er ook één aan de rechterhand van de Vader zit.

 

Vergeving:

Exodus 34,7

Die de weldadigheid bewaart aan vele duizenden, Die de ongerechtigheid, en overtreding, en zonde vergeeft;

Psalm 103,3

            Die al uw ongerechtigheid vergeeft, die al uw krankheden geneest;

Jesaja 55,7

De goddeloze verlate zijn weg, en de ongerechtig man zijn gedachten; en hij bekere zich tot den HEERE, zo zal Hij Zich Zijner ontfermen, en tot onzen God, want Hij vergeeft menigvuldiglijk.

            Micha 7,18

 Wie is een God gelijk Gij, Die de ongerechtigheid vergeeft, en de overtreding van het overblijfsel Zijner erfenis voorbijgaat? Hij houdt Zijn toorn niet in eeuwigheid; want Hij heeft lust aan goedertierenheid

 

Deze teksten gaf de vraag als de hemelse Vader de zonden vergeeft al in het Oude Testament waarom moest Jezus dan nog aan het kruis?

 

Waarom moest Jezus dan sterven voor mijn zonden terwijl een ieder verantwoordelijk is voor zijn eigen zonden?

 

Ezechiël 18

De ziel, die zondigt, die zal sterven; de zoon zal niet dragen de ongerechtigheid des vaders, en de vader zal niet dragen de ongerechtigheid des zoons; de gerechtigheid des rechtvaardigen zal op hem zijn, en de goddeloosheid des goddelozen zal op hem zijn.

 

 

En het nieuwe verbond dat in Lucas 22:20 en Matthéüs 26:28 door Jezus besproken wordt is een ander verbond dat God geeft:

 

Lucas 22:

19 En hij nam een brood, sprak het dankgebed uit, brak het brood, deelde het uit en zei: ‘Dit is mijn lichaam dat voor jullie gegeven wordt. Doe dit, telkens opnieuw, om mij te gedenken.’ 20 Zo nam hij na de maaltijd ook de beker, en zei: ‘Deze beker, die voor jullie wordt uitgegoten, is het nieuwe verbond dat door mijn bloed gesloten wordt.

 

Matthéüs 26:

26 Toen ze verder aten nam Jezus een brood, sprak het zegengebed uit, brak het brood en gaf de leerlingen ervan met de woorden: ‘Neem, eet, dit is mijn lichaam.’ 27 En hij nam een beker, sprak het dankgebed uit en gaf hun de beker met de woorden: ‘Drink allen hieruit, 28 dit is mijn bloed, het bloed van het verbond, dat voor velen wordt vergoten tot vergeving van zonden.

 

Jesaja 59:21

Mij aangaande, dit is Mijn Verbond met hen, zegt de HEERE: Mijn Geest, Die op U is, en Mijn woorden, die Ik in Uw mond gelegd heb, die zullen van Uw mond niet wijken, noch van den mond van Uw zaad, noch van den mond van het zaad Uws zaads, zegt de HEERE, van nu aan tot in eeuwigheid toe.

 

Jeremia 31:33:

Maar dit is het verbond, dat Ik na die dagen met het huis van Israël maken zal, spreekt de HEERE: Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven, en zal die in hun hart schrijven; en Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn. 

 

Jeremia 32:40

En Ik zal een eeuwig verbond met hen maken, dat Ik van achter hen niet zal afkeren, opdat Ik hun weldoe; en Ik zal Mijn vreze in hun hart geven, dat zij niet van Mij afwijken.

 

Dit is een heel ander verbond wat Jezus ons verteld. En later zag ik dat hier de sedermaaltijd aan het Heilig Avondmaal werd gekoppeld. En dat het ritueel van het heiligavondmaal een exacte kopie is van het ritueel van o.a Mithras en anderen

 

Daardoor kreeg ik vraagtekens bij Jezus, en ik vroeg mij af waarom wijzen de Joden Jezus zo rigoureus af?

 

 

En ja, Don Finto kreeg gelijk:

“We wisten dat elke andere opvatting van de Bijbel een scheiding tot gevolg zou hebben tussen ons en onze naaste vrienden en familie.”

 

Toen ik deze dingen bij vrienden bespreekbaar wilde maken was het niet mogelijk, en een ander probeerde deze teksten zodanig te interpreteren zodat zij gingen wijzen naar Jezus.

 

Ik realiseerde me dat als je vanuit een concept denkt (het christendom) bevestigingen zult vinden in het Oude Testament en teksten zodanig kunt interpreteren zodat zij dat concept bevestigen.

 

Bovendien was de gehele Bijbel Joods. Geschreven met een Joodse achtergrond. En daarbij citeerde en leerde Jezus uit het Oude Testament. Dat kon ook niet anders want het Nieuwe Testament bestond toen nog niet.

 

Als Jezus werkelijk de Messias is waar de Bijbel over spreekt dan zou dat er ook uitkomen.

 

Dus besloot ik de Oude Testament met een “openmind” te lezen. En ik liet de tekst spreken.

 

Al gauw kwam ik er achter dat Messiaanse voorspellingen uit hun context zijn gehaald.

 

Jesaja 7 is een goed voorbeeld toen ik dit stuk gelezen had zonder het “concept Jezus” in mijn hoofd kwam ik tot inzicht dat het een profetie was voor Israël in die dagen. Daarnaast kwam ik te weten dat het over een jonge vrouw gaat en niet een maagd. En als Zoon met hoofdletter wordt geschreven dan wordt je onbewust een bepaalde richting opgestuurd!

 

Uit een verhaal van 25 teksten wordt één tekst uit zijn context gehaald en dit werd dan de voorspelling van de geboorte van Jezus Zoon van God:

Jesaja 7:14:

Daarom zal de Heere Zelf ulieden een teken geven; ziet, een maagd zal zwanger worden, en zij zal een Zoon baren, en Zijn naam IMMANUEL heten.

Toen ik het verhaal in zijn context las dan wist ik dat dit teken voor Achaz is.

 

Ook de vorst in Ezechiël is een vorst die grond bezit, getrouwd is en zonen heeft dus een mens is roept vragen op. Het beeld dat het christendom heeft van de Messias komt niet overeen met de vorst in Ezechiël want:

 

Als Jezus de zoon van God is en zelf God is dan is hij ook het beeld van God.

Wat is het beeld van God?

Genesis 1:27

En God schiep den mens naar Zijn beeld; naar het beeld van God schiep Hij hem; man en vrouw schiep Hij ze.

Man en vrouw!

Adam werd geschapen als man en vrouw!!

Wat inhoud dat niet de mens het beeld van God is, maar man en vrouw samen!!!

Later wordt in Genesis 2: 21-25 man en de vrouw gescheiden.

 

Als Jezus zoon van God is en God zelf zou zijn kan hij de vorst in Ezechiël niet zijn, want deze is alleen man en zal getrouwd zijn en kinderen kan krijgen.

 

Als het beeld van God dus zowel mannelijk als vrouwelijk in een wezen is dan is de gedachte van een zoon wel vreemd.

 

 

Matthéüs 24:34 Voorwaar, Ik zeg u: Dit geslacht zal geenszins voorbijgaan, totdat al deze dingen zullen geschied zijn. 35 De hemel en de aarde zullen voorbijgaan, maar Mijn woorden zullen geenszins voorbijgaan.  (ook Lucas 21:32 en Markus 13:30)

 

Jezus is niet terug gekomen tijdens dat geslacht. Dus de profetie is niet uitgekomen,

 

Mozes zei hier over:

Deuteronomium 18:20-22:

20 Maar de profeet, die hoogmoediglijk zal handelen, sprekende een woord in Mijn Naam, hetwelk Ik hem niet geboden heb te spreken, of die spreken zal in den naam van andere goden, dezelve profeet zal sterven. 21 Zo gij dan in uw hart zoudt mogen zeggen: Hoe zullen wij het woord kennen, dat de HEERE niet gesproken heeft? 22 Wanneer die profeet in den Naam des HEEREN zal hebben gesproken, en dat woord geschiedt niet, en komt niet; dat is het woord, dat de HEERE niet gesproken heeft; door trotsheid heeft die profeet dat gesproken; gij zult voor hem niet vrezen.

 

Wanneer die profeet in den Naam des HEEREN zal hebben gesproken, en dat woord geschiedt niet, en komt niet; dat is het woord, dat de HEERE niet gesproken heeft;

 

Hoe kan Jezus zo fout zitten als hij de Zoon van God is beter God zelf is. En meer ongeregeldheden kwam ik tegen in het Nieuwe Testament.

 

Dit alles liet mij zien dat Jezus de Messias niet kon zijn en omdat zijn profetie niet uit is gekomen kon hij ook geen profeet zijn.

 

In mijn poging om de wortels van het christendom zoeken kwam ik het jodendom binnen.

 

Mij doel is te leven naar de Thora en de Profeten, de complete Tenach.

 

Ik bid dan ook om wijsheid en inzicht en bid: Open mijn ogen, dat ik aanschouwe de wonderen van Uw wet. (Psalm  119,18)

 

 

 

Getuigenis 6; van John

 

BS”D
Shalom ik ben “John”, 20 jaar oud. Ik ben geboren in een seculier Noord Hollandse, omgeving. Ik ben van Pools-Nederlandse afkomst via mijn vader. En van Amsterdams Joodse afkomst via mijn moeder (helaas niet geheel traceerbaar en eindigend via de mannelijke kant).


Ik ken mezelf de enigste gelovige van heel de familie noemen. Ik ben naar een prot. chr. basis en – middelbare school geweest waar ik het goed naar mn zin had en de basis voor geloof heb opgevangen.


Vanaf mn 13e ben ik erg bezig geweest met Israel. Dit begon met een gezonde interesse voor het land, aangezien “het zoveel op het nieuws was”. Toendertijd was ik dus al gelovig en duurde het daarom (gelukkig) ook niet lang voordat het Jodendom een gezonde portie, extra aandacht van me kreeg.


Ik begon langzamerhand, meer en meer te lezen over Israel en over het Jodendom in boeken uit de bibliotheek en dit fascineerde mij enorm. Ik bewonderde Israel voor wat het was en waarmaakte. Ik dacht hier toen al de hand van HaShem in te zien.


Ik was onder de veronderstelling dat het niet mogelijk was “Joods te worden”. Ik zag dit dus als iets geheel onmogelijks. Dat was voor mij een moeilijk onderdeel, aangezien ik na een tijdje toch echt de behoefte kreeg nog dichterbij het Joodse volk te willen komen.


Ondertussen had mijn directe omgeving natuurlijk ook gemerkt dat ik veel bezig was met Israel en het Jodendom en ik kreeg daarvoor ook zeker de support. Vooral, vanaf begin af aan, kreeg ik veel support van mn ouders en dan met name van mijn vader.


Op een gegeven moment verzamelde ik een berg moed en stelde ik mijn ouders 2 vragen, ik vroeg ze; “zouden jullie het erg vinden als ik koosjer zou willen gaan eten?” en “zouden jullie het erg vinden als ik Joods zou willen worden?”. Beiden antwoorden waren positief. Dit was voor mij een go! Onterrecht was ik dus enorm zenuwachtig geweest, om deze –voor mij- enorm belangrijke vragen te stellen.


Mijn vader vertelde mij onlangs dat het voor hem een duidelijk en emotioneel moment was geweest, “die nog maar 15-jarige jongen, met zo’n sterke overtuiging, die zoiets groots vraagt”.


Mijn ouders gaven mij “mijn eigen plekje” in de koelkast. Daar kwam alleen “koosjer” eten, dat wil zeggen, alleen kip, rund en kalkoen bijvoorbeeld. Echter niet volgens de Sjechieta (kosher ritueel geslacht). Ik kon dus stoppen met steeds stiekem mijn vleeswaren weg te gooien (varkens- en paardenvlees bijv.) en ik hoefde me niet meer te “verontschuldigen” als ik “geen trek had in die (varkensvlees) hamburger” bij het avondeten.


Ik at officieel geen varkens, paard en rauw–vlees meer. Ik at geen zuivel en vleesproducten meer samen en uit mijn Loach bekeek ik welke E-nummers ongeoorloofd waren. Mn ouders zouden er ook op letten om varkens- en “kosjer” vlees niet op 1 bord te leggen.


Ik begon de “Liberaal Joodse Gemeente” te bezoeken in Amsterdam en werd daardoor dus beetje bij beetje, wijzer met het “synagoge”-leven. Ik kreeg Joodse contacten via internet en kocht langzaam aan boeken met Joodse onderwerpen of Joodse liturgie, zoals bijv. de Chumash (de Thora), een Siddur (gebedenboek) en boekjes over de Joodse wetten.


Ook begon ik Hebreeuwse woordjes te leren, lezen en schrijven. Ik mocht mezuzot bevestigen in ons huis en ik kocht kippot en Joods-religieuze spullen in Amsterdam en begon de Joodse feestdagen op mijn eigen manier te vieren. Mijn ouders hadden hier geen probleem mee, het was voor hun alleen stukkie appel met honing op Rosh HaShana of ze wisten dat ik niet mocht eten of naar school zou gaan met Yom Kippur.


De grote schoonmaak met Pesach, daar had vooral mn moeder geen problemen mee, matzot kwamen ook op tafel en vooral mijn vader wilde overal wel de achtergrond van weten (als hij dat niet al wist). Mn moeder en ik deden een poging om latkes te maken met Chanukah, maar dat lukte niet geheel. Wel werden netjes, elk jaar de kaarsjes op de Chanukiah aangestoken met de bijbehorende Brachot.


Op school verdedigde ik Israel met volledige trots en gelukkig, met een lading sterke argumenten. Ik droeg een gouden davidster uit solidariteit met Israel en ik zag mijzelf stiekem al, als een “beetje Joodse” jongen. Een Israelische vlag sierde mijn kamer en met Jom HaAtsmaoet zelfs ons raamkozijn.


Rond mijn 16e kreeg ik de sterke behoefte om toch echt Joods te worden, ik had hier al meer over gelezen en opgezocht en besloot dan ook dat ik naar de “Rabbijn” zou mailen van de “Liberaal Joodse Gemeente” in Amsterdam. Ik schreef hem een motivatie-brief (mail).


Ik kreeg vooral het antwoord dat het een moeilijk en langdurig proces is, om Joods te worden. Hij raadde mij aan om een aantal jaar te wachten en ondertussen meer en meer te gaan leren.


Dat heb ik ook zeker gedaan. Vooral via het internet begon ik meer te lezen over het Jodendom in het algemeen, maar ook over het proces van Joods worden – Giur. Ik had regelmatig emailcontact met een “Conservative Rabbi” in de VS en mailde hem met al mijn vragen.


Ondertussen had ik de verschillende stromingen binnen het Jodendom al opgemerkt en ik begon steeds meer naar het “traditionele” Jodendom te wijken, het Orthodoxe Jodendom. Maar ik zag het Orthodoxe Jodendom als een bolwerk van geleerde Joden, waarbij aansluiting zeker weten niet mogelijk was.


Ik was ondertussen bijna 18 en wist voor mijzelf zeker dat ik meer en meer wilde weten over dit, voor mij, traditionele, authentieke Jodendom.


Ik begon Orthodoxe synagoges te bezoeken, waar ik me geweldig thuisvoelde al waren de diensten voor mij moeilijk. Vooral de manier waarop ik ontvangen werd in de synagoges was superfijn en ik wilde dan ook graag weer terugkomen.


Ik bidde op “mijn manier” en begon de verschillende Brachot te zeggen voor o.a. het handenwassen, hamotsie (voor het brood) en zei met trots, 2 maal daags het Shema.


Chabad.org en askmoses.org werden zeer regelmatig door mij bezocht en ik mailde diverse, voornamelijk Amerikaanse Rabbanim met vragen, als ik de antwoorden niet kon vinden op de diverse internetsites.


April 2006, schreef ik een Orthodoxe Rabbijn in Nederland mijn motivatiebrief en enkele dagen erna (Maart 2006) hadden wij onze afspraak. We bespraken het zogenaamde “Giur”-proces. De Rabbijn vertelde mij over de moeilijkheden die Joden ervaren en dat het leven als Jood, zwaar is. Ook vertelde de Rabbijn mij dat het “niet nodig was” om Joods te worden, om contact met HaShem te hebben.


Mede dmv mijn elle-lange motivatiebrief (de Rabbijn vertelde mij, nooit zo’n lange brief te hebben ontvangen haha) lag ik toch uit aan de Rabbijn dat het toch echt mijn oprechte, niet-obsessieve wens was om mij tot het Joodse volk te voegen. De Rabbijn vertelde mij dat het een beetje aan mij lag wat ik graag zou willen, Giur beginnen in Nederland of in Israel, mits ik in Israel zou willen gaan wonen.


Ik zou het hem laten weten, na een tijdje denken. Na enkele weken hadden we weer contact en we spraken af dat ik individueel verder zou gaan hiermee, vooral richtend op een Giur in Israel met dus in mijn gedachte om in Israel te gaan wonen. Hij bood mij zijn hulp aan, mocht ik vragen hebben.

Nu, mei, 2009. Mag ik mezelf een gezegend mens noemen, waar ik HaShem, met heel mijn hart en heel mijn ziel dankbaar voor ben. Ik ken van mezelf zeggen dat ik enorm gegroeid ben in mijn Jodendom en eigenlijk ook in mijn relatie met HaShem, waarvan ik zielsveel van hou en waartoe ik me nog dichter voel.


Ik sta op met dank aan HaShem in “Modeh Ani”, spreek de dagelijkse Brachot en Tefilot uit, tot dat ik naar bed ga en het “Nachtgebed” uitspreek. Mijn Hebreeuws is een stuk beter, ik ken me verstaanbaar maken in Israel en ook heb ik ondertussen al een klein, klein bibliotheekje opgebouwd in mijn slaapkamer.


Ik heb fijne Joodse vrienden ook hiero in Nederland, waarvan ik hoop dat ze snel Aliyah zullen maken.


En ik heb vooral ook geweldig, fijne vrienden in Erets Yisrael. En ik ben nu 4 keer naar Israel afgereisd in de afgelopen 2 jaar. Vorige maand voor 4 weken lang. Geleerd bij mijn geweldige vrienden in Sussya, Aryel en Shlomit. Ik heb er veel fijne mensen leren kennen.


Eerdere keren al voor 3 maanden, 1 maand en 10 dagen lang. Ik heb een bruiloft meegemaakt van een vriendin van mij, die hedendaags een Orthodoxe Jodin is en die ik zeker tot mijn beste vrienden, (tezamen met haar directe en schoon –familie) mag rekenen.


Ik leef in Israel het leven wat ik graag zou willen in de zeer nabije toekomst en op mijn eigen manier probeer te leven hiero in Nederland. Ik hoop volgend jaar mijn “leer-proces” af te hebben gerond en mijn Giur, officieel af te hebben gerond en naar Israel te komen, om te leven als een Israelische Jood.


Ik leef in Israel Shomer Shabbat, Kashrut en Shomer Negiah. Ik ga dagelijkse naar de synagoge, leer met mn vrienden over de Thora, de Tenach en de Talmud en vooral met Aryel bezoeken we de belangrijk, historische plekken in Erets Yisrael.


Ik voel me met die invulling van mijn leven, dus 100% mezelf en dus volledig fijn. Mezelf zijn heb ik altijd gedaan, ongeacht mijn leeftijd of waar ik was, wat is dan beter voor mij, door dit pad te volgen waar HaShem, Baruch Shemo, mij naartoe geleidt heeft?


Ik denk persoonlijk, dat ik bijna klaar ben voor het “opnemen van de 613 Mitsvot” en dat ik “HaShem moge dienen met de Thora als mijn leidraad”. En ik hoop dan ook dat “mijn Mikwe-dag”, de dag waarop ik de Mitsvot op mij zal nemen en het Mikwe (ritueel bad) zal betreden en eruit zal stappen als Jood, snel moge arriveren.


Ik hoop dat voor ieder die bezig is met mijn spirituele zoektocht, dat hij daar in zal slagen, weet dat HaShem je niet voor niks ergens naartoe leidt, zij het Israel of Brooklyn, New York.


Ik moge mijzelf heel erg gelukkig prijzen, met alle hulp/steun en aandacht die ik ontvang mijn lieve familie, vrienden en collega’s. Ze respecteren me volledig met alles wat ik doe en daar ben ik ze dus enorm dankbaar voor. Dit zijn echte “menschen”. Moge HaShem hen, Zijn zegeningen en steun geven.


Een recente, voor mij belangrijke stap, was het wettelijk laten veranderen van mijn voornaam naar een naam die voor mij een speciale betekenis heeft. De naam waarmee ik geboren ben, is totaal niet “van toepassing” op mij, een katholieke naam, een feit waar ik me totaal niet prettig bij voelde.


Dit is dus weer een stap voor mij geweest, die mij hopelijk dichterbij brengt, tot waar ik uiteindelijk, graag zou willen “landen”, in Erets Yisrael, als een koshere Thora-getrouwe Jood.

 

 

John
 

 

 

 

Getuigenis 7; van Nava B. uit Vlaanderen

 

Ik groeide op in een liberaal christelijk gezin met vijf kinderen. Naar de kerk gaan was bij ons geen verplichting, enkel met Kerst en Pasen. Toch was ik de enige van het gezin die wel regelmatig naar de kerk ging. Want daar voelde ik me goed.


Later toen ik wat ouder was hielp ik mee in de kinder -nevendiensten en heb ook enkel jaren meegeholpen met de voorbereiding van de plechtige communicanten.


Weer wat later besloot ik godsdienstles in mijn beroepsleven te geven. Nog steeds vind ik dat het mooiste beroep dat er is. Met de kinderen over Ha Shem praten. Samen op weg om elk zijn eigen weg daarin te vinden.

Tijdens mijn opleiding, en dan was ik toch al een jongvolwassen, geloofde ik nog alle verhalen die gingen over Jezus.  Alle wonderen, genezingen, dat hij over het water liep. Ik slikte en dacht niet na. Waarom zou ik? Jezus was immers de zoon van G'd en daar twijfel je toch niet aan. Dat mag ook niet want deed je het wel dan bleek dit toch een teken van ongeloof te zijn, een teken van zwakte. We werden naïef gehouden in die zaken. Ik slikte en slikte tot ik voldaan was.


Ongeveer zes jaar geleden had ik er genoeg van. De verhalen over Jezus konden niet waar zijn. Maar toch was er nog steeds G'd, want daar twijfelde ik niet aan. Maar hoe moest dat dan, van G'd houden en toch niet geloven in Jezus. Kon dit wel? Ik begon mezelf heel veel vragen te stellen en probeerde een antwoord binnen de Islam te vinden. Maar al vlug werd me duidelijk dat dit niet is wat G'd bedoelde. Mijn zoektocht begon, ik wou weten wat de mensen tweeduizend jaar geleden ertoe bracht om over Jezus verhalen te schrijven. Zo kwam ik voor het eerst echt in aanraking met de joodse religie. Uiteraard leerden we in de klas ook wel over deze religie en in het NT staan er genoeg verhalen over joden, farizeeërs, Shriftgeleerden. Het was me wel bekend dat deze mensen bestonden maar meer dan karikaturale figuren uit de Bijbel (NT) ging mijn kennis niet. Ik verslond het ene boek na het andere. (Mijn volk is uw volk 'Don Finto, De zaak Jezus en de joden 'Peter Tomson' Het Evangelie volgens Judas, Benjamin Iskariot, dankzij de joden 'Thomas Cahill, Zienswijze Wolf Ollech, Gesprekken in Jeruzalem, Yves Desmet en Staf Nimmegeers). Om er zo maar enkele te noemen. Hoe meer ik las, hoe dichter ik bij het joodse volk kwam. Maar de vragen begonnen nu pas echt te borrelen. Want ik wist nu wel dat Jezus joods was (ergens wist ik dat wel, maar dat was me niet duidelijk, als kind dacht ik dat Jezus christen was en als enige met enkele vrienden het moest opnemen tegen alle joden in Israël, een David en Goliath verhaal). Die kinderlijke fantasie is nooit weggegaan. (Nu natuurlijk wel). Maar dan had je nog de vraag of Jezus nu wel de Messias is? En hoe zat dat dan met de zonden?


Op dat moment, een periode waarin ik de weg kwijt was en er de brui wou aan geven, want ik snapte het nu nog allemaal minder dan voorheen, ontmoette ik in Antwerpen een vriendelijke joodse man. Hij vroeg of ik tijd had voor een gesprek. Hij had een boekenwinkel en daar zaten we, elk op een stoel met een bakje snoep tussen ons in. Ik vertelde mijn verhaal, mijn zoektocht, mijn vragen. Hij zei niets, maar ik voelde een grote liefde uitgaan van die man. We spraken af om elkaar de volgende week opnieuw te ontmoeten. Ik was enorm gelukkig, er was iemand die tijd gemaakt had om naar mijn vragen te luisteren en die vond ze helemaal niet zo dom. Ik had het gevoel dat ik recht had om kritisch te zijn zonder afbreuk te doen aan mijn geloof en liefde voor Ha Shem.

Van die dag af spraken we elkaar elke dag, kon ik niet naar Antwerpen komen dan belde ik of hij belde mij. Dat was onze afspraak. En telkens gingen onze gesprekken over het joodse leven, over de Messias, maar ook over hele gewonen dingen. Ik paste wat ik leerde over de joodse religie ook toe in mijn dagelijks leven en merkte dat dit eigenlijk wel goed was. Mijn leven werd anders, ik dacht meer na. Ik had nog nooit zo een dicht leven met G'd, zo intens. Die man gaf me een nieuw leven, nieuwe inzichten. Maar vooral en dat is nog wel het voornaamste, hij gaf me het gevoel dat G'd van mij zou blijven houden, ook al geloof ik niet meer in Jezus als Messias. Het zou een jaar zijn dat wij onze dagelijkse contacten hadden.
Jammer voor mij, maar gelukkig voor hem verhuisde hij vorig jaar naar Israël. Om de Messias op te wachten zo zei hij.

Ik wist nu dat Jezus joods was en kende ook al heel wat over de joodse religie. Op die manier kon ik de verhalen die men schreef over Jezus ook kaderen binnen die tijdsgeest en geloofsgeest. Ik wist dat de christelijke feesten gebaseerd zijn op heidens riten. Dat de Shabbat vervangen is door een dag die de Romeinen hadden voor de zon. Ik leerde ook dat het gebod om geen beelden te maken door de Kerk genegeerd werd. Dat Kerst één verzameling is van heidense gebruiken die in de Bijbel door profeten al werd aangekaart. Eigenlijk leerde ik dus dat als je uit de Kerk alle Romeinse afgoderij, alle Germaanse gebruiken, alle fouten die door vertalingen binnen zijn geslopen in het NT, alle politiek en machtsmisbruik van de clerus zou wegdoen, dat er enkel maar een puur groepje mensen overblijft die G'ds vrezend zijn, die joods zijn en die verlangend uitkeken naar de Messias en waarvan enkelen dachten die in Jezus te vinden. En al de rest, het hele christendom is één grote leugen. Gebaseerd op leugens, verdraaide feiten, eigenzinnigheden, machtsmisbruik, verwaandheid.

Ik besloot mijn leven totaal anders in te richten en voortaan te leven naar G'ds wil. Daar gaan voor het grootste deel mijn godsdienstlessen die ik geef ook over. Ik wil de kinderen leren nadenken. De Bijbelverhalen kritisch leren lezen. Maar vooral ook leren lezen wat er staat. Daarvoor is elke letter belangrijk. Ik geef Rooms Katholieke godsdienst. Maar dat roomse hoeft er voor mij niet in, het hele vaticaan leeft niet waar ze voor staan, één grote politieke zaak in Rome. Het katholieke heb ik ook al gehad, als je die geschiedenis leert kennen dan val je gewoon achterover. Dan blijft er enkel nog Godsdienst over. En daar draait het toch allemaal om, G'd dienen door te leven met je ogen steeds op Hem gericht.

Om mijn lessen voor te bereiden heb ik heel wat informatie en achtergrond nodig.  Bij al mijn vragen kwam ik steeds terecht op de site van Shalom Center. Op die manier heb ik dit leren kennen. Ik was vooral blij dat ik niet alleen was die zo dacht. Mijn drijfveer om te studeren, te lezen was nog nooit zo groot. Het enige verschil is dat ik nu weet in welke richting ik moet zoeken. En die weg is uiteraard in Israël zelf. Dus ik besloot om de stap te wagen. De mensen verklaarden me gek als ik zei dat ik naar Israël zou gaan, maar ik heb geen moment het gevoel gehad dat G'd niet aan mijn zijde zou staan. Leren in Israël kan ik iedereen aanraden. Als je daar wandelt is het alsof de Bijbel tot leven komt. Maar net als bij de Thora heb je een gids nodig. Een gids die je meeneemt in de geschiedenis. Ik leerde van Aryel de Bijbelse geschiedenis beter begrijpen. Het is heel leerrijk om samen met anderen de Thora/Tenach te nemen en samen te lezen en praten waar het over gaat. Zonder daar al te moeilijke Theologische achtergrond voor te hebben. Ik heb daar vooral veel geluisterd en gezien. De vragen komen nu. Maar dat geeft niet, het is goed dat er vragen zijn. Gelukkig is er nog zoiets als mailen en kan ik terecht met mijn vragen bij Aryel.

Nu zou je kunnen afvragen, en terecht waarom ik niet joods wordt als ik dan toch zo een grote overtuiging heb en toch al zoveel als ik kan met de Thora en volgens de instructies van G'd leef. Ik zou het wel heel graag willen, het is mijn diepste verlangen om ooit joods te worden en dan naar Israël te verhuizen. Maar ik heb een gezin en een man die niet de weg wil volgen die ik ga. Daar is een moeilijk punt, want je kan niet joods zijn en gehuwd zijn met een niet jood.

Ergens zie ik mijn levenstaak om in de school de kinderen te vertellen over de ware G'd. En ik denk, dat de kinderen die van mijn nu les krijgen (en dan spreek ik niet over het feit dat ik al of niet een goede leerkracht zou zijn, maar over de leerstof die ze krijgen) dat die het voorrecht hebben om echte godsdienst te krijgen. Deze kinderen zijn de start van een nieuwe generatie 'christenen' die verder zullen denken. Die generatie die niet raar zullen opkijken als ze het woord jood horen vallen. Maar zij zullen weten dat joden een bijzonder volk zijn, met een grote verantwoordelijkheid. Zij zullen weten dat we nog steeds moeten uitkijken naar de Messias, en Hem elke dag moeten verwachten. Zij zullen weten dat Israël aan de joden gegeven is, voor eeuwig.

Wat die kinderen zullen weten, leren ze van mij en ik leerde het dan weer van anderen. Van de man uit Antwerpen, van Aryel, van Sara en van Toon en van Rabbijn Doum in Antwerpen en van al die mensen die boeken hebben geschreven, maar ook van de gewone mens in de straat in Sussya van de mensen waar ik bij mocht eten op Shabbat, van de mensen die in de synagoge aan het bidden waren, van de moeders die met hun kinderen wandelden, van de vaders die aan hun kinderen vertelden over de Thoraverhalen, van de mensen die me meenamen in hun auto.

Ik heb een hele weg afgelegd, het was een zware. Maar tijdens mijn tocht lachte Ha Shem me toe en duwde me steeds een beetje verder, steeds in de goede richting.
Baruch Ha Shem.

 

Nava B. , Vlaanderen
 

 

 

 

Getuigenis 8; van Bram K. uit Vlaanderen

 

Als eerste wil ik Hashem bedanken voor deze lange zoektocht en dat Hij me het inzicht heeft gegeven waarom dit zoeken zo nodig was.

 

Voor mij is m'n aankomst bij het Jodendom met z'n rijke cultuur, leef- en denkwijze gekomen na een lange zoektocht naar het spirituele deel van mezelf.

Van kinds af ben ik geïnteresseerd geweest in de verschillende wereldreligies en voor zover ik me kan herinneren was ik als kind ook actief bezig met religie (op een christelijke manier), ook al zijn m'n ouders en de rest van onze familie helemaal niet religieus.

Toen ik eenmaal in de puberteit kwam, kon ik me steeds moeilijker identificeren met het katholicisme en z'n, naar mijn mening, tegenstrijdige dogma's. Als kind wilde ik steevast van de wereld een betere plek maken. Ik zal het ook nooit vergeten dat iemand me zei dat, als ik de wereld wil veranderen, ik dit alleen kan doen door mezelf te veranderen en op die manier een voorbeeld proberen te zijn voor anderen. Dit is tot op de dag van vandaag nog steeds een drijfveer in m'n leven en het is ook één van die dingen die me zo thuis doet voelen in het Jodendom. Nu, dit idealisme vertaalde zich in m'n tienerjaren in soms radicale maatschappijvisies. Ik werd omwille van ethische redenen vegetariër en later veganist, ik zag m'n politieke gedachtegoed evolueren naar extreem-links, waarbij de ideeën van de Russische anarchisten Bakoenin en Kropotkin een belangrijke invloed hadden/hebben op m'n politiek denken. Dat ik de dag van vandaag dit anarchistisch denken weerspiegeld zie in de Israëlische Kibbutzim met hun directe democratie, volledige gelijkwaardigheid van man en vrouw en het tot een minimum terugbrengen van privé-bezit maakt me bijzonder blij. Het stemt me gelukkig te weten dat het in de praktijk mogelijk is om op een libertair-socialistische wijze samen te leven.

Na de tumultueuze puberjaren kwam er bij me geleidelijk aan opnieuw een interesse in het spirituele/religieuze. Zoals zoveel jongeren met een politiek-links-gedachtegoed ging ik me verdiepen in de religies en leef- en denkwijzen uit het Verre Oosten (Boedhisme, Hindoeïsme, Krishna consciousness) maar in geen enkele kon ik mezelf alsnog terugvinden. Op een gegeven moment las ik een artikel over het Baha'i-geloof en toen ik er meer over te weten kwam, dacht ik dat ik gevonden had waar ik altijd naar op zoek was geweest. Eindelijk had ik een religie gevonden waarbij bepaalde waarden centraal staan waar ik als mens veel belang aan hecht. Zo wordt er in het Baha'i-geloof de nadruk gelegd op vrijheid van meningsuiting, een ver doorgedreven godsdienstvrijheid, de overtuiging dat verschillende wegen naar hetzelfde doel kunnen leiden etc. Op een dag was ik op Youtube filmpjes aan het bekijken over het Baha'i-geloof toen ik bij een filmpje kwam van een Joodse Rabbijn. In het desbetreffende filmpje stelde hij dat de grondbeginselen van het Baha'i-geloof zijn overgenomen uit het Jodendom (het monotheïstische geloof in één G-d, gelijkwaardigheid onder de mensen, los van religie, afkomst of ras,  verschillende wegen die naar dezelfde waarheid leiden etc.) Opnieuw was m'n interesse gewekt en ik kan nog altijd moeilijk onder woorden brengen wat er in me omging tijdens die eerste maanden waarin ik het Jodendom ontdekte. Nog nooit in m'n leven had ik zoveel gevoelens ervaren als in die maanden. Ik voelde me met momenten extreem gelukkig omdat ik voelde dat ik gevonden had waar ik al 26 jaar naar aan het zoeken was, op andere momenten was ik echter heel onzeker over m'n toekomst en werd ik soms bang omdat ik dacht dat ik niet sterk genoeg zou zijn om een Joods leven te gaan leiden. Ik leerde ook dat ik niet van de éne dag op de andere Joods zou kunnen worden en als ik er eerlijk over mag zijn, in het begin vond ik dat jammer want ik was redelijk ongeduldig. Ondertussen weet ik gelukkig wel beter en snap ik ook de reden waarom je niet van de éne op de andere dag Joods kan worden.

Tijdens de eerste maanden van m'n Joodse ontdekkingstocht ging er geen dag voorbij zonder dat ik op verschillende websites (jewfaq.org, myjewishlearning.com, ...) informatie zat op te zoeken  over het Jodendom. Na een tijdje heb ik dan een liberaal-Joodse rabbijn in Tilburg gecontacteerd en mocht ik op gesprek gaan. De rabbijn nodigde me na het gesprek uit om een aantal vieringen te komen volgen, maar dat we dit best konden beperken tot drie vieringen. Na deze drie keren merkte ik bij mezelf dat ik me toch niet helemaal kon vinden in het liberaal-Jodendom, hoewel het een uiterst aangenaam eerste contact was met het Jodendom in het algemeen. Iets later was ik op reis in Israël en werd ik bij vrienden uitgenodigd om met hun Shabbat door te brengen. Zij wisten dat ik in het Jodendom wil gaan uitkomen en ik ben hun ontzettend dankbaar dat ze me toen hebben uitgenodigd. Sinds ik met hun Shabbat mocht doorbrengen in het pittoreske stadje El'ad, voelde ik me onmiddellijk thuis in het Orthodoxe Jodendom. Ik had voordien niet echt een positief beeld op het begrip 'orthodox' en ik denk dat dit me in het begin ook heeft weerhouden om met een Orthodoxe Rabbijn te gaan praten. Op Motzei Shabbat gaf Shaul, de vader des huizes, me de raad om niets overhaast te beslissen en dat ik altijd bij hun terecht kan als ik vragen heb. Maar hij raadde me ook aan om, eens ik terug in België zou zijn, een Orthodoxe Rabbijn te contacteren omdat m'n vragen het best beantwoord worden door een Rabbijn. Ik heb toen een Rabbijn in het Antwerpse een e-mail gestuurd en hij nodigde me uit voor een gesprek. Ik was enorm zenuwachtig voor onze afspraak, maar hij stelde me meteen op m'n gemak. Na het gesprek kreeg ik te horen dat ik altijd met vragen naar hem toe kon komen. Een aantal weken later belden we nogmaals met elkaar en maakten we een nieuwe afspraak. Deze afspraak kon door omstandigheden niet plaatsvinden en latere pogingen om een nieuwe afspraak te maken vielen in het water. Ik zag het als een teken dat ik verder moest zoeken naar een andere Rabbijn. Ik was ooit al eens op de website van Shalom Gemeente geweest en had toen gelezen dat er in Antwerpen de mogelijkheid was om lessen te volgen ter voorbereiding op een Giyur. Ik ging dus nog eens kijken op hun website en na even zoeken vond ik de naam van Rabbijn Daum met zijn contactgegevens. Rabbijn Daums naam kwam me meteen bekend voor ... Was dit misschien dezelfde Rabbijn Daum die ook in Joods Actueel een maandelijkse column verzorgt? Tot groot genoegen bleek dit zo te zijn en ik heb hem toen gecontacteerd via e-mail. Daags erna kreeg ik een supervriendelijke e-mail van hem terug waarin hij zichzelf in het kort voorstelde. Zoals bij Orthodoxe Rabbijnen de gewoonte is, maakte hij me er ook op attent dat het Jodendom niet actief op zoek gaat naar nieuwe leden en dat van diegenen die wensen uit te komen binnen het Jodendom, een persistente en consequente leerhouding wordt verwacht.

Ik volg nog niet zo heel lang les bij Rabbijn Daum, maar heb op korte tijd onnoemelijk veel geleerd.  Ik kan bijna Hebreeuws lezen, al moet ik toegeven dat ik al wat voorkennis had. Zijn 1-op-1 aanpak tijdens de lessen is volgens mij de beste om startende Gerim, zoals ik, te introduceren in het Torah-getrouwe Jodendom.

 

B.K. - Dilsen (Belgisch-Limburg)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Start ] Omhoog ] [ Inhoud ]

Voor vragen of opmerkingen over deze website verzenden aan
webmaster@shalom-center.org
Laatst bijgewerkt: 13 augustus 2013